Cultuurverschillen België – Nederland slopen IT-droom ING

Cultuurverschillen België – Nederland slopen IT-droom ING

Belgisch-Nederlandse cultuurverschillen slopen IT-droom ING en die van hun scheidende CEO Ralph Hamers, kopten recentelijk de Vlaamse en Nederlandse zakenkranten De Tijd en Het FD. ING lijkt daarmee het nieuwste slachtoffer in een lange rij te worden van de vaak moeizame samenwerking tussen Belgische en Nederlandse bedrijven.IT platform ING wordt fiasco door cultuurverschillen Belgie - Nederland

Dat de samenwerking tussen Belgische en Nederlandse bedrijven regelmatig hoofdpijn in plaats van meerwaarde oplevert is geen nieuws. Er zijn binnen Europa immers geen twee buurlanden die qua cultuur zo van elkaar verschillen als België en Nederland, zo blijkt uit onderzoek. Het punt is echter dat vooral de Nederlanders dat niet zo in de gaten hebben. We spreken toch grotendeels dezelfde taal, dus de rest zal ook wel min of meer hetzelfde zijn. Mooi niet dus.

Oranje werkt in België als rode lap op stier

Nu was de ING-topman niet aan zijn proefstuk toe toen hij het IT-platform van Nederland en België in elkaar wilde schuiven. Voor die tijd was hij al werkzaam geweest voor de Belgische poot. Eigenlijk had hij moeten weten dat in België tussen droom en daad niet alleen wetten, maar ook heel veel andere bezwaren staan, om de Antwerpse schrijver Elschot maar eens te parafraseren… Alleen al de aanvankelijke naamgeving van het IT-project “Orange Bridge’ moet in de oren van veel Belgen als een vloek in de kerk hebben geklonken. De kleur Oranje werkt nu eenmaal bij heel veel Belgen aan beide zijden van de taalgrens als een heel grote rode lap op een stier! Toen hij het IT-project omdoopte naar ‘unite’ was het kwaad waarschijnlijk al geschied. Al zal hij er zelf niet meer om malen. Want 30 juni trekt hij de ING-deur achter zich dicht om zich in het minder complexe Zwitserland leiding te gaan geven aan de nog grotere UBS-bank.  

De Nederlandse en Vlaamse krant het FD en De Tijd zetten onlangs in een groot artikel op een rijtje wat er zoal misging tussen de Belgen en de Nederlanders bij ING. Zij komen tot 7 struikelblokken die ik in dit artikel op een rijtje zet, aangevuld met mijn eigen observaties, meningen  en ervaringen als specialist op het gebied van het bevorderen van de interculturele samenwerking tussen Belgische en Nederlandse organisaties. 

Struikelblok 1: TEGENWERKING

Voor de Belgen kwam de integratie van de twee systemen op een ongelukkig moment. De fusie met Record Bank was nog niet achter de rug, ze kregen een verlies van 3500 banen te verwerken en zagen het kantorennetwerk met de helft inkrimpen. Dat Hamers in het verleden aan het roer stond van ING België hielp niet mee. De Belgen ervoeren de reorganisatie als verraad en waren na alle ingrepen voorafgaand aan ‘ Unite’ ‘migratiemoe’ geworden. ‘Een leemlaag van Belgische veertigers en vijftigers heeft van meet af aan veel tegengas gegeven’, zegt een oud-bestuurder van de bank.

Belgen houden niet van verandering. Verandering betekent immers vaak ook onzekerheid. Wie kijkt naar vergelijkend onderzoek tussen Nederlanders en Belgen ziet dat bevestigd. Op het aspect Onzekerheidsvermijding zien we dat op een schaal van 1-100 Belgen 94 (Vlamingen zelfs 97) scoren en Nederlanders slechts 53. 

Belgen willen de dingen liefst bij het oude laten: never change a winning team, is zo’n beetje hun adagium. Wil je draagvlak voor verandering scheppen dan moet je heel veel geduld hebben en heel veel en vaak communiceren over nut en noodzaak van de voorgenomen veranderingen.

Ook is het zo dat Belgische managers veel meer aan hun stoelpoten vasthouden die ze na het betere interne lobbywerk hebben weten te bemachtigen. Die zwaar bevochten positie geven ze niet graag meer prijs. Verandering vinden ze belangrijk, zolang het ze zelf maar niet aanbelangt.

Struikelblok 2: CULTUURVERSCHILLEN

De eerdergenoemde tegenwerking is voor een groot deel terug te voeren op cultuurverschillen. De Belgen vinden dat Nederlandse ING’ers te veel varen op intuïtie, dat ze bot zijn en vaker bluffen. ‘Ze maken alles ondergeschikt aan het resultaat en stappen over allerlei gevoelens en argumenten heen om daar maar te komen’, aldus één van de projectmedewerkers.

Vanuit het Nederlandse kamp wordt gemopperd over de houding van de Belgen. Ze willen van alles, maar leveren zelf niks en zijn voornamelijk gericht op het behoud van positie. ‘In Nederland werken mensen met elkaar, in België boven elkaar’, zegt een bestuurder van de bank. ‘Wat in Nederland wordt gezien als ondernemerschap, een pro-actieve houding die moet worden aangemoedigd, wordt in België al gauw voor insubordinatie versleten. Als je in Vlaanderen vernieuwingsdrang toont, wordt dat al snel tegen je gebruikt.’

Het wederzijdse onbegrip hielp niet mee om het project van de grond te krijgen. ‘We zitten met respect aan tafel, maar het is wel wat kil’, schetst een van de betrokkenen de sfeer tijdens vergaderingen. ING heeft er alles aan gedaan om dat verbeteren. Bedrijfscultuur-goeroe Erin Meyer werd in 2017 ingevlogen om een paar honderd managers bij de hand te nemen. Het toonaangevende consultancybureau Projective richtte zich op de werkvloer, tot het bepalen van de tafelschikking bij vergaderingen aan toe. ‘We zitten in een soort kaartspel waarbij Nederland en België gelijk vertegenwoordigd dienen te worden’, stelt een van de betrokkenen.

Het ging direct al mis. ING noemde het integratieproject ‘Orange Bridge’, een naam die de Belgen voorkwam als Hollands machtsvertoon en niet meehielp om hen aan boord te krijgen. Zeker gezien de vele ontslagen die België tegelijkertijd moest verstouwen. Het project werd haastig omgedoopt tot Unite BE + NL.

Om het project vaart te geven moest België om naar het Nederlandse systeem van het nieuwe werken. Op het kantoor in Brussel werd een cellenstructuur ingevoerd met multidisciplinaire ‘tribes’ en ‘squads’ die agile, flexibel, moesten gaan werken en de oude, starre hiërarchie moesten verdrijven. Maar België was helemaal niet klaar voor zo’n cultuuringreep. De Belg, zo klonk het, bankiert nou eenmaal anders: persoonlijker en met veel maatwerk vanuit de bank.

Het bewustzijn over de Belgische gevoeligheden en cultuurverschillen is van meet af aan groot geweest, laat ING in een reactie weten. ‘Er is veel geïnvesteerd om te voorkomen dat het gevoel zou ontstaan: de Nederlanders komen het wel eventjes overnemen.’ Ook alle communicatie over ING België werd bewust aan de dochter zelf overgelaten. ING erkent dat het samenvallen van het project met een grote sanering het proces niet vergemakkelijkt heeft. ‘We hebben in één keer een grote stap gezet om niet jarenlang in reorganisatiemodus te blijven hangen. We vonden het wel zo eerlijk om meteen het hele verhaal te vertellen en niet alleen de eerste stap.’

Tja, eigenlijk passeren hierboven alle frustraties van Belgen en Nederlanders die ze over en weer van elkaar hebben de revue. Alleen de naamgeving van het IT-project Orange Bridge was oliedom, maar daar heb ik het al over gehad… 

Ook klopt het dat in Nederland mensen met elkaar werken ipv boven of onder elkaar. De egalitaire Nederlander houdt niet van hiërarchie. Er zijn wel bazen maar in Nederland moet je het baas zijn verdienen. Hij hoeft niet alwetend te zijn. Wel moet hij voorwaarden kunnen scheppen waarbinnen zijn team maximaal kan functioneren. Nederlanders gaan er met z’n allen voor. Zoals ze met z’n allen achter Oranje staan, hoe ze met z’n allen vechten tegen het water, of hoe ze met z’n allen het Corona-virus te lijf zullen gaan. Doordat in belgië veel meer hiërarchie en machtsafstand is verwacht de baas minder initiatief. Sterker nog: ongevraagd je mening geven wordt vaak gezien als een vorm van subordinatie. Mede hierdoor zit intern ondernemerschap niet zo in de Belgische cultuur.

En ja, het klopt dat Nederlanders veel meer voor het resultaat gaan. De zakelijke relatie is in Nederland vooral cognitief: wat heb jij toe te voegen? Terwijl die in België vooral affectief is. Ofwel: hebben we wel voldoende een klik om samen te werken?

Belgen zitten best wel met respect met Nederlanders aan tafel. Maar ze zijn argwanend. Een Belg zegt zelden wat hij werkelijk denkt. Ze zeggen bijna altijd ja, ook als ze nee bedoelen, terwijl een Nederlander tot grote ergernis van de Belg het er allemaal uitflapt. Meestal ook zonder maar een greintje rekening te houden met bepaalde gevoeligheden. Zo maak je als Nederlander geen vrienden bij de Belgen. En dan hebben veel Nederlanders ook nog zo’n air van ik kom het hier wel eens even vertellen hoe we het gaan doen. Te vaak behandelen Nederlanders de Belgen als een soort achtergebleven en wat domme nakomertje. Wel aardig, maar hij moet wel doen wat wij Nederlanders vinden.

Struikelblok 3: COMPLEXITEIT

Maar ook zonder cultuurverschillen stond ING voor een nagenoeg onmogelijke taak.

Een verandermanager die betrokken was bij de start van het IT-project dat toen nog Orange Bridge werd genoemd stelt: ‘Het was al snel duidelijk dat het bouwen van één platform veel meer moeite kost dan het uiteindelijk oplevert.’

De top van ING zag vooral de mogelijkheden. Wat gelukt was bij de integratie van de Postbank in 2009, moest hier ook kunnen. Hamers ging nog voordat de eerste stekker omgewisseld was de barricades op om zijn plan, Accelerating Think Forward, te verdedigen. Dat hij vanaf het begin de schijnwerpers op het project richtte, wordt door sommige betrokkenen als onverstandig gezien. Hij is meermaals gewaarschuwd: begin voorzichtig, boek de eerste resultaten liever achter de schermen.

Dat Hamers de aankondiging toch doorzette, heeft veel te maken met het debacle rond de eerdere reorganisatie in België. De plannen lagen toen al op straat voordat ze definitief waren. ‘We moesten wel open kaart spelen’, stelt een van Hamers’ adviseurs. Tijdens de reorganisatie werd duidelijk dat de bonden in België veelvuldig lekten naar de media. ‘Als je dit soort investeringen doet, moet je ook iets over de doelstellingen zeggen, om spookverhalen voor te zijn.’

De verouderde staat van de Belgische IT-systemen was bovendien al langer punt van zorg bij de ING-top; de bank sloeg eind 2018 nog intern alarm over werkachterstanden in België in een intern risicorapport, berichtte het FD destijds. Onder meer de naleving van antiwitwasbeleid haperde dusdanig dat de ‘license to operate’ van de bank in het geding was.

Unite heeft inmiddels honderdduizenden manuren en vele honderden miljoenen euro’s gekost. Het resultaat van al die inspanningen is pover. Volgens ingewijden is het er eerder slechter dan beter op geworden. Verbindingen tussen systemen haperen. ‘ING gedraagt zich als een boekhouder. Alles draait alleen nog om financiële targets van Unite, maar waar we precies naartoe gaan en waarom is niet meer duidelijk’, aldus een van de projectmedewerkers.

ING zegt desgevraagd dat inmiddels ‘alle Belgische en Nederlandse klanten gebruik maken van dezelfde webomgeving’ en dat de ‘overgang van Belgische klanten naar de gezamenlijke app in volle gang is’. Voor een belangrijk deel betreft het echter cosmetische aanpassingen aan de voorkant, terwijl de bulk van alle besparingen nu juist moest komen van samenvoeging van ondersteunende IT-systemen aan achterkant.

Het grote project Unite is na vier jaar ploeteren teruggebracht tot alleen beleggen. Eén van de kleinste afdelingen binnen de bank. ‘Daarmee kan ING het verhaal nog enigszins een positieve draai geven’, merkt een door ING ingehuurde IT-consultant cynisch op. ‘Op een schaal van tien zijn misschien één, twee en drie gerealiseerd.’ Het hart van de bank, de zakelijke dienstverlening en de hypothekentak blijven tot zeker 2024 gescheiden. De ingecalculeerde besparingen van €550 mln blijven ver weg.

ING heeft goede redenen om zijn aandacht niet voor de volle 100% bij de eenwording te hebben. In 2018 werd het project wreed verstoord door de witwasboete van €775 mln en de daaruit voortvloeiende ingrepen in de transactiecontrole. In maart van dit jaar brak de coronacrisis uit. Maar dat is slechts het halve verhaal.

Ook hier had Raph Hamers zich beter wat bescheidener opgesteld in plaats van de Ollander uit te hangen die het allemaal wel even komt vertellen. “ Dien Ollander zullen we eens goed op z’n bek laten gaan, zie ik veel Belgen dan meteen denken. Wat minder hoog van de toren blazen en eerst wat laten zien, vinden de Belgen. En dan komen ook nog de vakbonden in het spel. Die hebben in België, in vergelijking met Nederland, geweldig veel in de melk te brokkelen. Al heel wat buitenlandse managers hebben daar hun tanden op stuk gebeten. Om het spel met de vakbonden te begrijpen moet je als Nederlander wel de nodige feeling hebben met hoe je omgaat met verborgen agenda’s en het laten lekken van informatie. Nederlanders zijn niet zo goed in dat spel. Voor een Nederlander is de kortste weg tussen 2 punten een rechte lijn. Het spel van meebewegen, dan weer de keutel wat intrekken, 2 stappen vooruitzetten en dan weer eentje achteruit, nee dat spel beheerst de Nederlander niet zo goed.

Struikelblok 4: DE TOEZICHTHOUDER

De Belgische Nationale Bank (NBB) speelde een sleutelrol bij de vertraging van Unite. Het project zou volgens de toezichthouder te veel kerntaken naar Amsterdam verplaatsen. De NBB vreesde voor de stabiliteit van het financiële systeem als dat zou gebeuren, en greep in 2018, nog voor de witwasboete, in. Volgens een hooggeplaatste medewerker van de toezichthouder is het belangrijk om dat vanuit Belgisch perspectief te bekijken. ING is de derde bank van België. De toezichthouder wilde voorkomen dat nationale belangen de overhand zouden krijgen bij een mogelijke nieuwe bankencrisis.

Op zich is het niet vreemd dat een toezichthouder enige mate van aanwezigheid eist in het land waar een financieel instituut een vergunning heeft. Maar de ingreep van NBB was veel forser dan wat ING gewend was. Binnen de bank leeft het idee dat de toezichthouder zich daarbij heeft laten influisteren door Belgische medewerkers van ING. De toezichthouder bestrijdt dat. ‘ING België is niet zomaar een filiaal. Het is een maatschappij naar Belgisch recht en een grootbank waar een belangrijke fractie van het Belgische spaargeld is ondergebracht. Zolang er geen sprake is van een Europese Bankenunie zullen we blijven aandringen op lokale structuren waarop we toezicht kunnen houden.’

De aanvullende eisen van de toezichthouder waren een flinke streep door de rekening. Volgens betrokken bestuurders greep de NBB veel te hard in en niet met de goede redenen. ‘De Belgen wilden in feite gewoon niet accepteren dat technologie over landsgrenzen gaat’, vertelt een oud-topman van ING. Zulke extreme eisen had de bank nog niet eerder gezien. Achter de schermen is er flink gelobbyd tegen het besluit van de toezichthouder, tot aan de Europese Centrale Bank aan toe.

‘De governance was een taai dossier’, vat de woordvoerder van ING het samen. ‘Dat heeft niet geholpen, maar we hechten aan het constructieve overleg dat we hebben en hebben gehad met onze toezichthouders.’

Tja, ook de invloed en de macht van de Belgische Nationale Bank NBB) heeft de ING duidelijk onderschat. Er wordt wel eens gezegd dat België het land is van de deux cents families. Zo’n 200 vaak schatrijke en invloedrijke Belgen bepalen in het Belgique de papa hoe de hazen lopen. Eigenlijk had de ING-top dit moeten weten. Want ook andere Nederlandse banken hadden eerder die invloed onderschat. Toen in de jaren negentig van de vorige eeuw de ABN-AMRO de Belgische Generale bank wilde overnemen, kwam uiteindelijk zelfs de koning tussenbeide om daar een stokje voor te steken. Eerdere fusieplannen tussen KLM en Sabena kwamen ook nooit van de grond, gewoon omdat in de Belgische Haute finance-kringen de meeste Belgen niks van de Nederlanders moeten hebben: “jamais aves de Bataves’, is een bekende uitspraak van de inmiddels overleden Albert Frère. Hij was tot zijn dood een van de rijkste Franstalige zakenlieden. 

Struikelblok 5: EXODUS AAN DE TOP

De ingreep van de toezichthouder kwam de top van ING slecht uit. Het zorgde voor veel vertraging en uiteindelijk tot een uittocht van talent. De dubbele governance-structuur zorgde ervoor dat sleutelfiguren geen mandaat meer hadden en gedemotiveerd raakten. Een waslijst aan ING’ers beet zijn tanden stuk op het project. België-ceo Erik van den Eijnden verraste ING door al in 2017 op te stappen, IT-baas Peter Jacobs vertrok een jaar later onverwachts en ook Roland Boekhout, die het project trok vanuit het ING-hoofdbestuur, koos voor een vervroegde exit, net als ceo Nederland Vincent van de Boogert.

En ook op lagere posities van de bank was sprake van een continue stoelendans. Dat hoort zo bij ING. Wie niet iedere drie jaar boventallig is, zit niet bij het juiste bedrijfsonderdeel, is een veelgebruikte grap binnen de bank. Betrokken partners noemen de continue onrust als belangrijke factor van de vertraging. ‘Het was onmogelijk een onderlinge band op te bouwen. We moesten het samenwerken keer op keer opnieuw uitvinden’, stelt een projectmedewerker. Dat ING eerst flink sneed in de organisatie en daarna een complex project opstartte, wordt gezien als een misser.

‘Ik heb geen idee meer wat ING wil bereiken met Unite’, vertelt een Belgische IT’er die aan het project werkt. ‘We hebben het gevoel dat de bank aanstuurt op een succursale, een eenvoudige nationale afdeling zonder enige beslissingsmacht.’ Dat ING al heel veel IT, zoals de communicatieverbindingen en datacenters, naar Nederland heeft verplaatst, voedt die angst. Het gevoel leeft dat België met Unite aan zijn eigen ondergang werkt. ‘Ik ga ervan uit dat we straks allemaal ontslagen worden’, vertelt een projectmedewerker.

Ook hier vormen angst en onzekerheid voor de toekomst het leitmotiv bij velen. Jobzekerheid vinden Belgen erg belangrijk. In mijn boek Valse Vrienden, over cultuurverschillen tussen Belgen en Nederlanders verwijs ik naar een onderzoek van de Katholieke Universiteit Leuven: Belgen zijn bang om hun baan te verliezen. Jonge universiteitsverlaters hebben vaak als grootste wens een baan bij de overheid, want dat betekent dat je niet ontslagen kunt worden, hoe lullig je baantje ook zijn moge. Je kan toch niet verwachten dat medewerkers bij de ING eigenlijk het verlies van hun eigen baan aan het organiseren zijn, door mee te werken met het automatiseringsproject dat uiteindelijk toch bij de Ollanders zal belanden…

STRUIKELBLOK 6: DE VAKBONDEN

Het botert niet tussen de toezichthouder en ING, niet tussen het personeel van de verschillende vestigingen en de projectgroepen en ook niet tussen de vakbonden. Van een gezamenlijke aanpak over de landsgrenzen is geen sprake. ‘We hebben geprobeerd om samen de taart aan te snijden’, meldt Gerard van Hees van de Nederlandse vakbond FNV. Hij organiseerde een overleg met Belgische collega’s van de BBTK en ACV Puls op neutraal terrein: in Roosendaal, vlakbij de grens. Samenwerking kwam daarna niet van de grond.

‘De Belgen waren heel erg bezig met het sociaal plan en het voorkomen van wat “naakte ontslagen” genoemd wordt. Ze sloten zich op in België en gingen wheelen en dealen. Uiteindelijk is iedereen toch een beetje voor zijn eigen landenorganisatie gaan staan’, zegt Van Hees. Volgens de Belgische bonden zou zo’n samenwerking ook weinig opleveren. ‘Wij zitten met andere items dan onze collega-vakbonden in Nederland’, stellen zij.

De vakbonden zijn in België, zeker in vergelijking met de Nederlandse, echt geen lieverdjes. In Nederland is het vrij normaal om mensen te ontslaan die overtollig zijn, zolang je met een goede regeling op de proppen komt. In België is dat anders: naakte ontslagen dan doen we niet. Nog liever staken we de hele tent kapot. Nee, soms denk ik dat veel vakbondslieden nog een portret van Karl Marx boven hun bed hebben hangen. In Nederland zijn de vakbonden ook geen doetjes, maar er is veel meer bereidheid tot samenwerking. Tot polderen, om het zo te formuleren. Het woord polderen komt niet voor in het woordenboek van een Belgische vakbondsdelegue.

Struikelblok 7: BESPARINGEN

Ook was niet iedereen overtuigd van de businesscase. ‘Dit zijn zulke zware organisaties met heel eigen culturen. Een bank is geen Amazon die je even in een ander land zet. Zo’n digitaal model laat zich niet kopiëren op een bank. ING is een waterhoofd van hier tot Tokio. Ik heb het altijd een geforceerde case gevonden’, zegt een oud-medewerker.

Het project wordt op het moment gedragen door duurbetaalde freelance softwareontwikkelaars. ‘Do more with less was kort samengevat wat ING hoopte te bereiken. Hier in België hebben we het gevoel dat het intussen ‘do less with more’ is geworden’, zegt een externe consultant. Veel van de IT-ontwikkeling gebeurt in Polen en India. ‘Dat is niks goedkoper en we zijn veel tijd kwijt aan het herstellen van fouten.’

€550 mln per jaar hoopte ING te besparen met Unite. Nu die doelstelling onhaalbaar lijkt, moet het geld ergens anders vandaan komen. Bij de FNV en op het Amsterdamse kantoor van ING voelen ze de bui al hangen. ‘Zolang je besparingen niet op landenniveau hoeft uit te splitsen, kun je de Belgische underperformance maskeren’, vertelt een betrokkene. Er zal gesaneerd moeten worden, ook in Nederland. ‘Het feit dat de Belgen niet leveren, begint nu pijn te doen in Nederland.’

Natuurlijk waren de Belgen niet overtuigd van deze business case. Ook tijdens het bankieren staat in Belgie de persoonlijke relatie centraal. “Dat gaan we ons niet laten afpakken door een automatiseringsproject van die Oleanders”, zal vaak een onuitgesproken mening van vooral de betrokken Belgen zijn geweest. Zelfs al sparen we daar als bank een half miljard mee uit…

Met deze ING-businesscase is voor de zoveelste keer duidelijk geworden dat samenwerking tussen Belgen en Nederlanders dikwijls geen vanzelfsprekendheid is. Hopelijk is het voor veel bedrijven een les om toch wat meer tijd en energie te investeren in de cultuurverschillen die hieraan ten grondslag liggen. Want zoals het bij ING gegaan is, levert het alleen maar verliezers op. 

Over de auteur

Evert van Wijk woonde en werkte de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is crisiscommunicatieadviseur,  mediatrainer/mediacoach en auteur van verschillende boeken over mediatraining en debattechniek (www.mediatrainingbenelux.com). Ook schrijft hij boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. (www.cultuurverschillenbelgienederland.nl)

Belgisch-Nederlandse toestanden bij Air France-KLM

Belgisch-Nederlandse toestanden bij Air France-KLM

Een ongeziene drop van de aandelenkoers van Air France-KLM van maar liefst 14%, nadat de CEO van Air France was opgestapt. Dit omdat hij het conflict met de vakbonden ook niet bleek te kunnen sussen en de stakingen niet werden afgeblazen. Voor Nederlanders is het onbegrijpelijk dat hier een bedrijf bijna letterlijk letterlijk kapot wordt gestaakt. Of hoe de gigantische cultuurverschillen tussen de Fransen en de Nederlanders het huwelijk tussen Air France en de KLM op de klippen dreigt te jagen.
Zeilen met mooi weer is niet moeilijk. En is het niet juist de kapitein die als laatste van boord gaat als je schip dreigt te kapseizen? Hoe het ook zij: duidelijk is ook dat de cultuurverschillen tussen Noord-Zuid voor zowel de Fransen als de Nederlanders een bron van ergernis zijn. Wat daar bij Air France-KLM gebeurt, zie ik ook vaak gebeuren als Belgische en Nederlandse bedrijven in een Benelux-structuur opgaan. Enkele uitzonderingen daargelaten, loop je bij Belgisch-Nederlandse pogingen tot samenwerking vaak tegen dezelfde cultuurverschillen aan met alle misverstanden van dien.
Air France-KLM verschillen qua cultuurverschillen nogal van elkaar.

…Blauw-wit-rood of rood-wit-blauw, wat Frankrijk en Nederland wel gemeen hebben zijn dezelfde kleuren in hun vlag…

 Op zich is dat niet zo verrassend. Eerder is het een zoveelste bewijs dat fusies tussen Noord- en Zuid-Europese bedrijven geen vanzelfsprekendheid vormen. De knelpunten bij Air France en KLM zijn trouwens net zo herkenbaar en exemplarisch als wanneer Nederlandse en Belgische bedrijven proberen samen te werken. In die zin begint Zuid-Europa bij Wuustwezel.
Water en vuur met elkaar verzoenen… Dat is het vaak als je Belgische en Nederlandse bedrijven wilt laten samenwerken. Een Benelux-structuur geven aan Belgisch/Nederlandse bedrijven is daarom het meest onlogische wat er bestaat. Vaak wordt zoiets beslist in een ver hoofdkantoor aan de andere kant van de oceaan. Waar men niet beseft dat er in Europa geen twee buurlanden zijn die zo van elkaar verschillen als België en Nederland. Mede om die reden zijn Benelux-organisaties vaak gedoemd om te mislukken zoals ik al eerder beschreef in mijn boek Valse Vrienden. Hetzelfde geldt ook voor Franse en Nederlandse bedrijven.

De breuklijn tussen Noord- en Zuid-Europa

Dat fusies tussen Franse en Nederlandse bedrijven ook zelden succesvol zijn, heeft te maken met dezelfde breuklijn tussen Noord- en Zuid-Europa. Die loopt parallel met de Belgische grens. Nederlandse bedrijven kunnen in de regel perfect samenwerken met Duitse of Scandinavische en Britse bedrijven. Zoals ook Franse, Belgische en andere Zuid-Europese bedrijven vaak qua (bedrijfs)cultuur ook goed door eenzelfde deur kunnen. Daarom was deze cultuurclash en daar nog bovenop de overduidelijke taalbarrière bij Air France-KLM, zo voorspelbaar als dat de dag op de nacht volgt.

Staken? Dat doen Nederlanders niet gauw…

Dat Air France en KLM zich in een moeizaam huwelijk bevinden, was al een tijdje bekend. De Franse piloten zijn verbolgen dat KLM harder groeit dan Air France. De Nederlanders vinden op hun beurt dat de Fransen dat aan zichzelf te danken hebben door bezuinigingen voor zich uit te schuiven en op de koop toe ook nog te pas en te onpas te staken. Zeker als het met je bedrijf niet voor de wind gaat, dan is staken het laatste wat je doet, volgens de Nederlandse logica. Volgens diezelfde logica begrijpen Nederlandse managers in België er ook geen donder van dat Belgische vakbonden bij het minste en geringst naar het stakingswapen grijpen. Dat ze zelfs omwille van de grote principes zo ver gaan om bedrijven gewoonweg  kapot te staken.

Frankrijk een soort Griekenland? Zo maak je geen vrienden

Volgens een uitgelekt onderzoeksrapport van vorige zomer zitten de problemen bij KLM-Air France dieper dan een conflict over de bedrijfsvoering. Er is duidelijk sprake van twee verschillende culturen die hard met elkaar botsen. Volgens een KLM-manager is Frankrijk “een soort Griekenland maar dan groter”. “De Franse economie is een tijdbom en Air France een tijdbommetje.” De Air France-managers vinden op hun beurt dat Nederlanders zich hautain opstellen en veel te ruw in de omgang zijn. Tja, hoe was het ook weer: Nederlanders bot en recht voor hun raap? Hoe het ook zij: met dergelijke uitspraken maak je als Nederlander natuurlijk geen vrienden bij de Fransen. Al snappen Belgen en Fransen niet altijd dat juist die botte directheid onderdeel is van de Nederlandse cultuur.
Ook de stroperige besluitvorming aan Franse kant krijgt kritiek van de Nederlanders. “Als je bij Air France 10.000 euro wil besteden, moet je eerst vier keer op je knieën gaan en zes handtekeningen ophalen”, zegt een Nederlandse manager. Het doet me denken aan de kritiek die een Nederlandse manager destijds had toen hij na de fusie van Fortis aan een Belgische baas ging rapporteren. “Sinds ik een Belgische baas heb, heb ik het gevoel dat ik eerst braafjes mijn vinger moet opsteken als ik na de WC moet…”

Jamais avec les Bataves

Ooit zei Albert Frère, een schatrijke Waalse investeerder over de Nederlanders toen die een Belgische bank dreigden over te nemen: “jamais avec des Bataves”. (Nooit met die Batavieren…) Ja, want vooral in het Francofone Belgische gedeelte worden de Nederlanders daar gezien als een wat platvloers en onbeschaafd volkje, enkel op geld belust en tot alles in staat om dat geld ook daadwerkelijk binnen te harken.
De Nederlanders vinden dan weer dat de Fransen bij Air France-KLM te veel bezig zijn met politieke spelletjes en te weinig met het bedrijfsbelang. Dat laatste is eveneens een veelgehoorde klacht bij Nederlandse managers in België. Die beschouwen dat als onnodig gekonkelfoes en daar willen ze geen tijd aan besteden. Time is tenslotte money…
Intussen is het de vraag of het nog ooit goed zal komen met Air France-KLM? Wordt ongetwijfeld vervolgd…

Over de auteur

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.
Belgische en Franse vakbonden zouden zich beter heruitvinden

Belgische en Franse vakbonden zouden zich beter heruitvinden

Cultuurverschillen België Nederland en Frankrijk ook zichtbaar in de relatie met de vakbonden

Waarom leggen de vakbonden in België en Frankrijk bij het minste en geringste het land plat en zie je als andere uiterste Nederlandse vakbondsleiders met bijna het schaamrood op de kaken verkondigen dat ze met grote spijt wel eens kunnen gaan staken als de onderhandelingen in het slob blijven zitten. Het wordt hoog tijd dat de Belgische en Franse vakbonden zich opnieuw uitvinden.

In Frankrijk en België gaan vakbonden eerst staken en dan onderhandelen. In Nederland gaan vakbonden eerst onderhandelen en als men er echt niet meer uitkomt dan pas grijpen de vakbonden ten lang leste naar het stakingswapen. Staken is in Nederland nooit populair geweest. Dat heeft alles te maken met de Nederlandse consensuscultuur ook wel polderen genoemd. Met z’n allen tegen de boze zee, met z’n allen als VOC de zeven wereldzeeen bevaren. Met z’n allen achter Oranje, tenminste toen het nog goed ging met het Nederlandse elftal. En als koning Willem jarig is, is het in het hele land feest. Als echter in Belgie de koning jarig is dan komt daar niemand z’n mandje voor uit. Zelfs niet de hond van prins Laurent, ook wel bekend als Prins Woef…
 
Nee, Nederlanders begrijpen er niks van als Air France gaat staken. Of als de Belgische of Franse spoorwegen weer voor de zoveelste keer worden platgelegd. Of als de vakbonden de lidl al meer dan een week gijzelt door hun distributiecentra te blokkeren. In Nederland zie je zoiets niet snel gebeuren, want zo slacht je toch de kip met de gouden eieren en dat wil niemand.

Geld verdienen was in Nederland niet iets vies

Ongetwijfeld heeft het ermee te maken dat Belgie en Frankrijk een redelijk feodale historie hebben en op de koop toe ook nog behoorlijk katholieke cultuur kennen. Hiërarchie en machtsafstand, de invloed van de katholieke kerk speelden een belangrijke rol. Dit tegenover het egalitaire Nederland met een leidende calvinistische cultuur. Ook is in Nederland geld verdienen nooit iets vies geweest. Als het je goed gaat dan zul je dat wel verdiend hebben…
 
De Belgische en Franse vakbonden hebben een cultuur van confrontatie, opstand en rebellie. Ik verdenk ze ervan dat ze stiekem nog een portret van Karl Marx boven hun bed hebben hangen. Gelijkheid was in Frankrijk sowieso altijd al belangrijker dan koopmansgeest. Belgische en Franse vakbonden zien werkgevers niet als partners, maar als vijanden waartegen ten strijde getrokken moet worden. Nederland heeft daarentegen een cultuur waar overleg centraal staat. Samen moeten we eruit zien te komen. Want als het goed gaat met het bedrijf dan gaat het ook goed met de mensen die er werken, zo is de basisgedachte  Bazen zijn geen vijanden, maar partners waarmee je natuurlijk wel stevig onderhandelt  
 
Nu zijn de Nederlandse vakbonden ook geen doetjes, maar als er in Nederland gestaakt wordt, dan zie je vakbondsonderhandelaren vaak met het schaamrood op de kaken verklaren dat echt alle, en dan ook alle andere middelen zijn ingezet om het niet zover te laten komen.

“Vakbonden verhinderen de vooruitgang”

“Vakbonden hebben de macht om iets te blokkeren, maar niet om iets te veranderen. Het hoort bij de sociale traditie. Ze verhinderen vooruitgang, maar doen zelf geen voorstellen die de Franse economie beter doen draaien”, verklaarde onlangs een Nederlandse ondernemer in Frankrijk die anoniem wenste te blijven, bang voor represailles.
 
Ik dacht terug aan een boekje dat ik misschien al meer dan 20 jaar geleden gelezen heb van een zekere William Bridges met als titel: de vaste baan gaat eraan (originele titel: Jobshift). Zijn boek in twee volzinnen samengevat: repetitieve arbeid verdwijnt uit de Westerse wereld en daarvoor in de plaats komen taken met ho(og)ere toegevoegde waarde. Mensen zullen de kennis die daarvoor vereist is, aanbieden op die plekken waar er vraag naar is. Het komt er dan wel op aan dat die mensen vaardigheden bezitten waar een markt voor is. Hebben ze die niet, dan moeten ze die ontwikkelen door bij- en omscholing. Education Permanente…, noemen we dat.
 
“Als de vakbonden mee willen gaan met hun tijd dan zouden vakbondsonderhandelingen niet zozeer moeten gaan over het primaire loon, maar over loonruimte die geïnvesteerd zou moeten worden in bijvoorbeeld levensloopregelingen. Loon, of beter gezegd, beloningen, zouden moeten gaan over wat mensen kunnen, en aan hun bereidheid hun eigen vaardigheden te vergroten. Beloning wordt dan in feite een strikt individuele zaak. Zo wordt de werknemer een ondernemer van zijn eigen werk en dat is de nieuwe realiteit in de 21e eeuw”, aldus diezelfde anonieme ondernemer.
 
Als de vakbonden zich op die terreinen zouden kunnen manifesteren, dan hebben ze nog bestaansrecht. Het wordt dus tijd dat de vakbonden zich gaan heruitvinden…

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.

Pleegde correspondent Volkskrant en De Morgen plagiaat ?

Pleegde correspondent Volkskrant en De Morgen plagiaat ?

Beter goed gejat dan zelf slecht uitgevonden, zal de Vlaamse Leen Vervaeke misschien gedacht hebben toen ze onlangs voor De Volkskrant en De Morgen een stuk schreef over de cultuurverschillen tussen België en Nederland. Maar het is natuurlijk niet echt netjes als je een artikel schrijft met slechts één bronvermelding en dat je voor de rest net doet alsof je het allemaal zelf het uitgevonden.

Het is niet netjes om geen bronvermelding te doen

Plagiaat is soms moeilijk aantoonbaar

Ik ben de auteur van het boek Valse Vrienden dat vorig jaar bij Scriptum (Schiedam) verscheen. Het boek gaat over de cultuurverschillen tussen België en Nederland. Nu zijn over dit onderwerp legio boeken verschenen die uitleggen waarom die cultuurverschillen zo groot zijn. Maar dat alles neemt niet weg dat als je over dit onderwerp schrijft het toch min of meer gebruikelijk is dat je enige vorm van bronvermelding toepast. Zeker als je bijna letterlijk uit een boek citeert dat iemand anders geschreven heeft. Toen ik onlangs van diverse mensen spontaan een berichtje kreeg in de trant van: die  journaliste zal zeker uw boek Valse Vrienden gelezen hebben, toen ze haar stuk aan het schrijven was, besloot ik mevrouw Vervaeke een tweetje te sturen om haar hiermee te confronteren. Kennelijk was ze ‘not amused’, want er ontspon zich de volgende tweet-wisseling:
leen vervaeke @leenvervaeke
Mijn laatste stuk als @volkskrant-correspondent in België: “Maak België wat Nederlandser, en Nederland wat Belgischer, en krijg het beste van twee werelden.” s.vk.nl/tfe13-a4576478/
de Volkskrant  @volkskrant
Zonde dat Nederland en België steeds minder interesse hebben in elkaar, schrijft @leenvervaeke. ‘Het perfecte land, dat zou weleens een mix van Nederland en België kunnen zijn’ s.vk.nl/tfe13-a4576478/
Evert van Wijk @evertvanwijk
Mooie samenvatting van mijn boek Valse Vrienden. Volgende keer wel graag bronvermelding. Is wel zo netjes. cultuurverschillenbelgienederland.nl/boek-valse-vri…
leen vervaeke @leenvervaeke
Wil hier eigenlijk niet op reageren, maar kom: reden dat ik uw boek niet heb vermeld, is simpelweg omdat het geen bron is. U bent niet de enige die iets over BE en NL weet.
Evert van Wijk @evertvanwijk
Hmm, die logica ontgaat mij, omdat u wel 2x naar boek @petervandermeersch verwijst, terwijl bijna uw hele artikel zonder bronvermelding uit mijn boek is overgeschreven. #hottentottenjournalistiek @Scriptum @volkskrant
leen vervaeke @leenvervaeke
Omdat ik het boek van Peter Vandermeersch gelezen heb en dat van u niet. Ik heb er dus ook niet uit overgeschreven. Ik hou er niet van valselijk beschuldigd te worden. Kom met bewijzen of hou ermee op.
het ging over bronvermelding en opeens heeft u mijn boek niet gelezen? Hoe geloofwaardig… Plagiaat is moeilijk te bewijzen maar ik ga de uitdaging aan. @volkskrant @ScriptumNL @pvdmeersch

Plagiaat is soms moeilijk aan te tonen

Zoals ik al eerder aangaf: plagiaat is soms moeilijk aan te tonen. Er zijn trouwens ook veel verschillende definities voor. De Tilburg University hanteert de volgende: tekstgedeelten, redeneringen of gedachten van anderen over te nemen zonder bronvermelding. Toen ik het stuk van Leen Vervaeke las, kwam die naar mijn gevoel wel erg dicht bij mijn boek Valse Vrienden.
Eigenlijk wilde ik er helemaal geen polemiek over beginnen. Maar toen mevrouw Vervaeke gaande de tweet-wisseling opeens beweerde het boek niet te kennen, voelde ik aan mijn water dat ook dat niet kon kloppen. Want mocht het inderdaad zo zijn, dan geef je dat toch onmiddellijk aan in je eerste reply. Los daarvan heeft het boek behoorlijk brede media-aandacht gehad in zowel landelijke als regionale media. Als Belgie-Nederland-correspondente heb je dan òf zitten slapen òf op de maan gezeten.
En waarom aan selectieve bronvermelding doen door enkel de publicatie van NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch wel aan te halen? De enige reden die ik kan bedenken is dat hij ook voor de persgroep werkt, waar ook de Volkskrant deel van uitmaakt.

Treffende gelijkenissen

Dat haar artikel meer dan treffende gelijkenissen heeft met wat ik in Valse Vrienden beschrijf, wordt al meteen duidelijk als je haar stuk naast de achterflaptekst en in de inleiding van mijn boek legt:
LV (Leen Vervaeke): Veel Nederlanders beschouwen België ( of Vlaanderen) nog altijd als het kleine, dommige broertje
VV (Valse Vrienden): Wij Nederlanders beschouwen Belgen, Vlamingen als hun kleine broertje. wel aardig, maar ook een beetje dommig… 
Tja, ik woon al meer dan 30 jaar in Vlaanderen, maar ik heb nog nooit een Vlaming het woord ‘dommig’ horen gebruiken… Maar dat even terzijde.
Hieronder volgen nog een paar voorbeelden, maar daar heeft ze in ieder geval nog de moeite gedaan om het her en der wat te herformulieren:
LV: Neem de positie van de vrouw op de arbeidsmarkt waar driekwart van de Nederlandse vrouwen halftijds werkt , zijn er dat in Belgie minder dan de helft, vooral dankzij goedkopere kinderopvang. 
VV: het viel me wel op dat er in die tijd meer vrouwen dan in Nederland in fulltime jobs werkzaam waren. Ook zag ik dat in de Belgische maatschappij zaken als kinderopvang veel beter geregeld zijn. In België zijn er niet alleen veel meer opvangplaatsen, maar is het, dankzij de tussenkomst van de overheid, tot op de dag van vandaag ook nog eens stukken goedkoper om je kinderen in een crèche onder te brengen. Wellicht dat het daardoor voor veel Vlaamse vrouwen gemakkelijker is om fulltime te gaan werken.
LV: Natuurlijk is er wel enige interactie. Nederlanders en Belgen werken militair nauw samen
VV: De samenwerking op defensievlak, zeker wat de luchtmacht en de marine betreft, bewijzen dat het kan.
LV: …sommige woorden zijn verwarrend: een een magnetron is een microgolf…
VV: Magnetrons. Die kennen ze ook niet in België. Wel hebben ze een microgolf of microgolfoven.
LV: Natuurlijk zijn er fundamentele verschillen tussen noord en zuid. Vier eeuwen afzonderlijke  religieuze en economische geschiedenis hebben hun sporen nagelaten. Belgen zijn eeuwenlang bestuurd door buitenlandse bezetters en hebben daar een diep wantrouwen aan overgehouden…
In mijn ogen zijn die verschillen terug te brengen tot één basisonderscheid: een verschil in vertrouwen…
VV: Wellicht hebben die verschillen te maken met de totaal verschillende loop van de geschiedenis van het Noorden en de Zuidelijke Nederlanden. Om het zomaar eens te zeggen. Een geschiedenis van maar liefst 400 jaar gestold wantrouwen. …Afgezien van de periode van 1815­–1830 kun je dus gerust stellen dat België en Nederland al 400 jaar gescheiden zijn. Nederland ontwikkelde zich tot wereldmacht. België kende vele bezetters. Daarnaast was er nog een godsdienstige breuklijn: het katholieke Zuiden en het calvinistische Noorden.
Belgen wantrouwen de medemens tot het tegendeel is bewezen. Nederlanders vertrouwen de medemens tot het tegendeel is bewezen! Naar mijn overtuiging is dit het meest essentiële verschil tussen beide volkeren.
Enfin, zo kan ik nog een tijdje doorgaan…
Intussen blijft de vraag onbeantwoord waarom mevrouw Vervaeke in haar artikel net doet alsof ze het allemaal zelf heeft uitgevonden? Is het een soort onnozele vorm van belangrijkdoenerij of is het een nieuwe vorm van journalistiek bedrijven door niet meer aan bronvermelding te doen? Ik wil het bewust geen fake-nieuws noemen. Maar als we de definitie van plagiaat van de Tilburgse universiteit erbij nemen, dan komt dit mijns inziens wel behoorlijk dichtbij.

De Dasja van Poetin

Dat zo’n werkwijze soms verregaande consequenties voor je carrière kan hebben, heeft de Nederlandse ex-minister Halbe Zijlstra onlangs nog kunnen ervaren. Hij had gedaan alsof hij in hoogst eigen persoon aanwezig was tijdens een bijeenkomst in de Dasja van Poetin. Toen bleek dat hij er helemaal niet bij was, moest hij omwille van dit domme leugentje aftreden. Daarom tot slot mijn ongevraagd advies aan mevrouw Vervaeke: zorg dat u ook vanuit uw nieuwe standplaats in China niet met deze werkwijze doorgaat. Anders zou u wel eens sneller dan u denkt terug kunnen zijn in uw geboortelandje.

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.

Polderen

Polderen

Polderen

Absurditeiten, zoals onlangs, toen bouwvakkers in de Belgische plaats Keerbergen een lantaarnpaal in een huis hadden gemetseld, halen ook in Nederland breed het nieuws. Zulke surrealistische taferelen zijn immers typisch Belgisch in de ogen van de Nederlander. Maar de architect van het gebouw die daar de opdracht toe gaf deed dat niet zomaar…

Polderen is typisch Nederlands en is gericht op consensus

Als je in België de overheid, en vooral de belastingdienst te slim af kunt zijn, dan is alles geoorloofd. De overheid en de belastingdienst maken van de Belg een ware anarchist. Nu houden Nederlanders natuurlijk ook niet van belasting betalen, maar toch is de overheid erin geslaagd om met de belastingbetaler op wat vriendelijker voet te komen staan. De al jarenlang lopende campagne van de Nederlandse belastingdienst “leuker kunnen we het niet maken, wel gemakkelijker”, zal daar ongetwijfeld mede aan hebben bijgedragen. Ook de dienstverlening naar de burger toe, zoals de belastingtelefoon, die je bij vragen in de regel efficiënt van dienst kan zijn, zal ook voor een positiever imago hebben gezorgd.

Als belastingbetaler wil je ook iets terug krijgen

Dat Belgen zo anarchistische zijn ten opzichte van hun overheid is eigenlijk niet zo raar. kijken we naar het overheidsbeslag, de bestedingen van de overheid gemeten naar het Bruto Nationaal Product, dan bedraagt die 54 procent. In Nederland en Zwitserland bedraagt dat percentage respectievelijk 47 en 35 procent. Een beduidend lager percentage waar je in die landen als belastingbetaler ook nog eens meer voor terug krijgt. Denk aan een goede wegeninfrastructuur, de staat van overheidsgebouwen én overheidsdiensten die toch redelijk goed en efficiënt werken in die landen.

Een serviceniveau ten tijde van het ijzeren gordijn

Wie in België een beroep wil doen op zijn overheid wordt daar in de regel ook niet echt vrolijk van. Zeker als het gaat om de federale overheid. Eigenlijk moet je al blij zijn als ze daar überhaupt de telefoon opnemen. En als ze dat om de een of andere reden toch mochten doen, dan vergaat je algauw de vreugde. Je wordt dan net zo lang doorverbonden totdat je bij een toestel bent aanbeland dat helemaal niet meer wordt opgenomen. Je bent dan weer bij af. Veel overheidsdiensten hebben een serviceniveau waar men ten tijde van het IJzeren Gordijn in Oost-Europa trots op geweest zou zijn.

De architect kwam met een mediastunt

Wil je door die lethargie heen breken dan moet je slim zijn. Niet alleen slim, maar ook creatief. Waarschijnlijk daarom besloot de architect om in plaats van een schier eindeloze strijd met de ambtelijke molens, hun disfunctioneren publiekelijk aan de kaak te stellen. Wellicht door schade en schande wijs geworden zal hij gedacht hebben: ga niet het gevecht aan met de instanties, want dan zetten ze helemaal hun hakken in het zand. Verzin dus een list. En zo kwam hij met een mediastunt waar men tot ver over de grens van mocht meesmullen. Dat het dan opeens wel snel vooruit kan gaan werd dezelfde dag in het avondjournaal duidelijk. Iemand van overheidswege verklaarde dat de bewuste lantaarnpaal binnen de week zal worden verwijderd.

De aannemer zag meteen de redelijkheid en logica in

Die avond tijdens het tv-journaal over die ingemetselde lantaarnpaal moest ik aan mijn dochter denken die destijds in Nederland een Lunchroom uitbaatte. Toen de gemeentelijke plannen tot herinrichting van het plein waar zij haar lunchroom had, werden uitgevoerd, bleek dat er volgens de tekening midden op haar terras een lantaarnpaal was ingetekend. Terwijl de aannemer al bezig was om het gat te graven, schoot ze hem aan. Ze legde hem uit dat dit voor haar terras erg nadelig was en ze vroeg hem of hij de lantaarnpaal een tweetal meter kon doen opschuiven. De aannemer zag meteen de redelijkheid en logica van haar vraag waarop hij zonder omhaal haar verzoek inwilligde.

Zou het zo ook in België werken? Ik vermoed van niet. De baas is in België immers veel meer de baas dan in Nederland. Hij zal zeggen: zo staat het op papier, dus zo doen we het ook. Ook zullen zijn ondergeschikten niet snel durven tornen aan zijn autoriteit. Dat wordt bovendien niet van hun verwacht. Initiatieven of ideeën die van bottom-up komen worden minder gestimuleerd of sterker nog: soms worden ze gezien als een poging om het gezag van de baas te ondermijnen en dat kan wel eens dodelijk zijn in de arbeidsrelaties. Je houdt dus beter maar je mond en je doet zoals het je gezegd is. Dat is ook het aller veiligst.

Polderen

De inmiddels gepensioneerde socioloog Geert Hofstede heeft vroeger al eens onderzoek gedaan naar de culturele verschillen tussen ondermeer Belgen/Vlamingen en Nederlanders. Daaruit kwam duidelijk naar voren dat op dimensies als Machtsafstand (hiërarchie) en Masculiniteit de Belgen/Vlamingen aanzienlijk hoger scoren dan de Nederlanders. Je ziet dat ook duidelijk terug in de arbeidsverhoudingen. In de minder masculiene Nederlands werkrelaties vinden Nederlanders het in de regel minder moeilijk om te erkennen dat ze een fout hebben gemaakt. Wellicht komt dit ook omdat niet alleen successen, maar ook failures, het gevolg zijn van beslissingen die door het gehele team zijn genomen. En daarmee zijn we meteen aangekomen op een tweede grote verschil in leiding geven. In België worden beslissingen door de baas medegedeeld aan het team. In Nederland komen ze in het team waar de baas leiding aan geeft gezamenlijk tot stand. Dat vraagt natuurlijk om overleg. Vaak om veel overleg… En dat verklaart meteen waarom er in Nederland zoveel vergaderd wordt. Daar hebben ze in Nederland trouwens een woord voor: polderen…

Over de auteur

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.