Wat kunnen België en Nederland van elkaar leren, was de vraag die BNR- radio uit Nederland me onlangs stelde. Lang hoefde ik daar niet over na te denken: ‘de wijze waarop de kinderopvang met name in het onderwijs is georganiseerd.’ Maar dat de kwaliteit van het Vlaamse onderwijs hoger is dan het Nederlandse is een mythe, zo blijkt uit een onlangs verschenen OESO-rapport.

Heb je als werkende ouders jonge kinderen, dan ben je wat betreft de kinderopvang en de voor- en naschoolse opvang in Vlaanderen stukken beter af dan in Nederland. Hoe dit komt, heeft ook een historische en culturele verklaring. Belgen houden van huizen bouwen en zijn van nature behoorlijk honkvast. Men zegt niet voor niets dat iedere Vlaming met een baksteen in zijn maag is geboren. Ook houden Vlamingen niet zo van het hebben van schulden, want ook dat is een vorm van onzekerheid. Het is daarom alle hens aan dek om het huis zo snel als mogelijk hypotheekvrij te hebben. Het krijgen van kinderen mag daar geen belemmering in zijn. Dit is dan ook meteen de belangrijkste verklaring waarom de arbeidsparticipatie van de vrouw bij onze zuiderburen veel groter is dan in Nederland. Daar komt nog bij dat in tegenstelling tot Nederland woninghypotheken meestal een looptijd van 20 in plaats van 30 jaar hebben.

Nederlandse onderwijs: vaker een zesjes-cultuur

Zit bij de Vlaamse vrouw het zwangerschapsverlof erop dan gaat ze meestal meteen weer fulltime aan de slag. Ze kan kiezen uit onthaalmoeders of kindercrèches waar ze, geholpen door allerlei speciale overheidsregelingen en financiële tegemoetkomingen, voor een heel democratisch bedrag en uiterst flexibel haar baby’tje kan parkeren. Je moet dan denken aan bedragen van 5 tot 15 euro per dag. In Nederland liggen die bedragen stukken hoger. 40 tot 50 euro is daar zeker geen uitzondering. Mede hierdoor loont het voor veel Nederlandse vrouwen niet of onvoldoende om fulltime aan de slag te blijven. Al heeft dat laatste ook te maken met levensinstelling. Voor Nederlanders is de betekenis van werken in de regel wat ruimer dan enkel de materiële beloning, zo ervaar ik dikwijls tijdens workshops in bedrijven en organisaties met gemengde Vlaams/Nederlandse teams. Nederlanders hechten vaak meer waarde aan een goede werksfeer boven het genoten salaris. Ze vinden het op het werk vooral belangrijk om dingen samen te doen, om gezamenlijk dingen te realiseren. Bij Vlamingen komt het salaris veel vaker op de eerste plaats. Het zal niet stroken met het beeld dat Vlamingen vaak over de hardwerkende calvinistische Nederlanders hebben, maar een Nederlander werkt eerder om te leven en een Vlaming leeft eerder om te werken… Dit zie je ook al op de scholen. Een zesjes-cultuur is in Nederland heel acceptabel. Een Vlaams kind, en dan bedoel ik eigenlijk vooral ook zijn ouders, is vaak pas tevreden met een acht of hoger!

Vlamingen eten ’s-middags warm en Nederlanders ’s-avonds

Een ander groot verschil met Nederland is dat Vlaamse kinderen al met 2,5 jaar naar de kleuterschool kunnen gaan, terwijl dat in Nederland pas vanaf het 4e levensjaar geldt. Kleuterschool, basisschool als ook het aansluitende secundaire onderwijs is in Vlaanderen gratis. Ouders kunnen hun kinderen dankzij de voorschoolse en naschoolse opvang al om 7.00 uur ’s-morgens afleveren en ’s-avonds tot 19.00 uur ophalen. Ook kunnen de scholen, in tegenstelling tot Nederland, een middagmaaltijd regelen. Op veel scholen is het zelf mogelijk om ’s-middags warm te eten. In Vlaanderen wordt, in tegenstelling tot Nederland sowieso vaak  s‘-middags warm gegeten. Tot grote verrassing van Nederlandse ouders, kunnen Vlaamse ouders ook vaak op hun werk warm eten. Bij veel Vlaamse bedrijven en overheidsinstellingen is er dikwijls een overvloedige keuze uit meerdere uitgebreide warme maaltijden, diverse voorgerechten en nagerechten en een uitgebreide reeks dranken. Zo hoeft de Vlaamse pa of ma, nadat ze hun kinderen van de crèche hebben gehaald, s’-avonds niet nog eens een uur in de keuken te gaan prutten om zijn kroost van een warme hap te voorzien.

Nederlandse onderwijs scoort hoog op OESO-onderwijsranking

In de Nederlands/Belgische grensstreek zijn al deze voordelen genoegzaam bekend. Mede om die reden sturen veel Nederlandse ouders hun kinderen naar Vlaanderen. En eenmaal in het Vlaamse onderwijssysteem blijven ze er vaak hangen. Vooral door dit betaalbare en uiterst flexibel opvangsysteem vormen de Vlaamse scholen een geduchte concurrent voor de Nederlandse scholen in de rurale Nederlandse grensgebieden. Hierdoor kampen de Nederlandse scholen aldaar vaak met leerlingentekorten, zoals in Zeeuws-Vlaanderen het geval is.

Ook na het secundaire onderwijs blijven veel Nederlanders aan Vlaamse hogescholen en universiteiten studeren. Gratis is dat niet, maar qua collegegeld in vergelijking met Nederland meer dan de helft goedkoper.

onderwijsverschillen België / Vlaanderen en Nederland zijn groot

In het Vlaamse onderwijs ligt de nadruk op het reproduceren van kennis, in het Nederlandse op het toepassen van kennis

Ook het vinden van een kot (het op kamers gaan, zoals ze in Nederland zeggen) is minder problematisch en in vergelijking met Nederland heel wat minder duur. Maar het argument als zou het onderwijs in Vlaanderen beter zijn dan in Nederland klopt niet, zo blijkt uit een onderzoek van de OESO uit 2015. Bovenaan staan landen als Singapore, Zuid-Korea, Japan. Nederland eindigt op deze OESO- wereldranglijst op plaats 9 en België op plaats 16. Zeker ook geen slechte score als je kijkt naar landen als het VK (20) en de VS (26).

Kennis reproduceren of kennis toepassen? 

Veel Vlamingen zullen grote twijfels hebben aan de uitkomsten van deze OESO-ranking waarbij vooral gekeken is naar vaardigheden als taal en rekenen. Wie naar kennis-quizzen kijkt zoals De Slimste mens, het vroegere Tien voor Taal of Het Groot Dictee, ziet dat de Vlamingen op kennis van spelling en de grammatica mijlenver beter scoren dan de Nederlanders.  Dit heeft alles te maken met het feit dat het Belgische onderwijs vooral gestoeld is op het kunnen reproduceren van kennis. Tijdens examens word je geacht de stof uit de syllabus of het leerboek die je uit je kop geknald hebt zo goed als mogelijk te reciteren.

In het Nederlandse onderwijs ligt veel meer de nadruk op het toepassen van kennis. Met andere woorden: wat kan ik met deze kennis doen, hoe en waar leer ik antwoorden te vinden op vragen die ik in mijn onderzoeksproject tegenkom? Maar ook is er in het Nederlandse onderwijs veel oog voor samenwerking. Samen aan projecten werken, samen taken verdelen, samen discussiëren en debatteren (noem het polderen…) om samen tot de beste oplossingen te komen. Kortom: in België ligt meer de nadruk op  het zogenaamde ‘blokken’ het instampen van kennis. In Nederland is het belangrijker om te weten waar je de antwoorden op je (onderzoeks)vragen kunt vinden en hoe je die moet toepassen. Dit laatste gaat dan altijd gepaard met het nodige overleg, discussie, of zoal u wilt, debat…

Waarom Nederlanders vaak taalvaardiger zijn dan Vlamingen?

Juist door deze grote culturele verschillen in onderwijsaanpak zijn naar mijn stellige overtuiging Nederlanders veel taalvaardiger in het debat. Wat dat betreft is taal net als muziek maken: je kunt wel leren noten lezen, maar belangrijker is dat je leert om ermee te spelen, te experimenteren. Maar je moet daarin niet overdrijven. En hierin schuilt dan meteen ook het tekort van het Nederlandse onderwijs. Daarin mag best wel wat meer aandacht zijn voor het hebben van een steviger theoretische basis. Of om de muziek-metafoor door te trekken: het kunnen leren lezen van de noten. Want als je geleerd hebt om noten te lezen, dan is de kans groter dat je muzikaal nog hogere toppen scheert. Te vaak hoor je dat Nederlandse universiteitsverlaters de dt-regels niet kennen. Dat is nu ook niet meteen een verrijking, als je tenminste geen Kristine Hemmerechts heet. Wat de Nederlandse en Vlaamse onderwijsaanpak betreft, zal ook hier wel de waarheid in het midden liggen.

Hiërarchische verhoudingen in het Vlaamse onderwijs zijn formeler

Een ander opvallend verschil tussen het Vlaamse en Nederlandse onderwijs is de rol van de leraar. Tussen de leerling/student en de leraar/professor is veel meer hiërarchie en machtsafstand. Toen ik in de jaren zestig van de vorige eeuw op de Nederlandse basisschool zat, hadden we op maandagochtend al een kringgesprek waarin we vertelden wat voor bijzonders we het voorbije weekend gedaan hadden. De leraar was een soort debatleider die faciliteerde. Hij stond niet zozeer boven je, maar eerder naast je. Toen ik ca. 9 jaar oud was, moesten we tijdens zo’n kringgesprek de inhoud van een boek navertellen en stukjes eruit voorlezen. Mijn oudste twee kinderen die zowel het Nederlandse als Vlaamse basisonderwijs hebben doorlopen hebben dit nooit hoeven doen. Daar was het vooral zitten en zwijgen en alleen je mond open doen als je iets gevraagd werd. De leraar stond boven je, precies zoals het ook vaak het geval is als met de hiërarchische verhoudingen als je later gaat werken. In Vlaanderen is de baas veel meer de baas. Hij zegt wat je moet doen.

Dit laatste is me ook in gezinsverband vaak opgevallen. Vlaamse kinderen worden van jongs af aan veel meer geacht te doen wat hun ouders hen opleggen. In Nederland heerst er ook binnen het gezin minder hiërarchie en meer een vorm van onderhandelingscultuur. Bijvoorbeeld: ‘als jij voor mij de vaatwasser leegruimt dan mag je straks nog even langer opblijven.’

In een wat meer hiërarchische cultuur is het ook niet zo gewoon om je gevoelens te uiten. Daar zijn Nederlanders dan weer vaak overdreven goed in. Soms krijg ik plaatsvervangende schaamte als ik naar de Nederlandse tv kijk waar mensen zonder enige gene hun hele ziel en zaligheid blootleggen. Zoiets zul je op de Vlaamse televisie niet gauw tegenkomen. Maar ook hier zal de waarheid wel in het midden liggen. Want als je teveel een binnenvetter wordt en angstvallig je gevoelens wegdrukt, dan kan je dat op latere leeftijd wel eens behoorlijk opbreken. Zo zie je dat tijdens de groei naar adolescentie en ook daarna in Vlaanderen relatief veel jongeren met zichzelf in de knoop raken. Er is volgens onderzoek een erg hoog gebruik van antidepressiva. Ook het aantal zelfdodingen is in vergelijking met andere Europese landen in België vrij hoog. Desalniettemin scoren de Vlamingen best wel redelijk op de zogenaamde Geluksindex. Als ze erin zouden slagen om van hun hart wat minder een moordkuil te maken, dan hoeven ze in de toekomst ook op dit terrein voor de Nederlanders qua geluk niet onder te doen.

Ook op school word je cultureel gevormd

Cultuur, het geheel aan waarden en normen, krijg je mee door je opvoeding thuis, door de media die je consumeert, het politieke en sociaal economische klimaat dat er in je land heerst, enz0voort. Maar ook op school word je voor een groot deel cultureel gevormd. Er zijn geen twee buurlanden in Europa die op cultureel vlak zo van elkaar verschillen als België en Nederland, zo blijkt uit sociologisch onderzoek. Dat dit ook voor de manier van aanpak van de Nederlandse en Vlaamse schoolsystemen geldt, lijdt geen twijfel. Op zich is dat niet erg. Wat wel belangrijk is, is dat Nederlanders en Belgen/Vlamingen dat begrijpen en daar rekening mee houden. Veel Nederlandse ouders die hun kinderen naar het Vlaamse onderwijs sturen omdat het zo handig is, er zoveel  discipline heerst en denken dat het kwalitatief beter is, zouden zich dat ook beter moeten realiseren. De Belgische, of zoals u wilt, de Vlaamse cultuur, zeker als je er van kindsbeen af van 7 uur ’s -morgens tot 7 uur ‘s-avonds in ondergedompeld bent geweest, laat dan zeker zijn sporen na. Voor veel school/universiteitsverlaters met Nederlandse ‘roots’ die vervolgens in Nederland aan de slag gaan, is de directe Nederlandse aanpak dan soms wel even wennen. De wat afwachtende Vlaamse houding is niet iets wat in Nederland toegejuicht wordt. Men verwacht in Nederland dat je tijdens een werkbespreking niet rond de hete brij heen draait ( rond de pot draait). De kortste weg tussen twee punten is voor een Nederlander immers een rechte lijn. Maar in veel gevallen kunnen Nederlanders best wel wat leren van die zogenaamde Belgische attitudes. Zeker als er enige diplomatie vereist is. De Nederlandse directheid kan zeker in een internationale omgeving behoorlijk contra-productie worden ervaren. De Belgische attitudes blijken dan geschiktere ingrediënten te zijn om een brug te slaan. Het is het verschil tussen gelijk hebben en gelijk krijgen, ofwel waarom destijds niet Balkenende maar Van Rompaey tot president van Europa werd verkozen. Daarom is het ongetwijfeld geen gek idee als het Vlaamse en Nederlandse onderwijssysteem eens heel goed bij elkaar op de koffie gaan om van elkaars sterke punten hun voordeel te doen!

Over de auteur

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij uw boekhandel, bol.com of managementboek.nl .Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.

 

Share This