Pleegde correspondent Volkskrant en De Morgen plagiaat ?

Pleegde correspondent Volkskrant en De Morgen plagiaat ?

Beter goed gejat dan zelf slecht uitgevonden, zal de Vlaamse Leen Vervaeke misschien gedacht hebben toen ze onlangs voor De Volkskrant en De Morgen een stuk schreef over de cultuurverschillen tussen België en Nederland. Maar het is natuurlijk niet echt netjes als je een artikel schrijft met slechts één bronvermelding en dat je voor de rest net doet alsof je het allemaal zelf het uitgevonden.

Het is niet netjes om geen bronvermelding te doen

Plagiaat is soms moeilijk aantoonbaar

Ik ben de auteur van het boek Valse Vrienden dat vorig jaar bij Scriptum (Schiedam) verscheen. Het boek gaat over de cultuurverschillen tussen België en Nederland. Nu zijn over dit onderwerp legio boeken verschenen die uitleggen waarom die cultuurverschillen zo groot zijn. Maar dat alles neemt niet weg dat als je over dit onderwerp schrijft het toch min of meer gebruikelijk is dat je enige vorm van bronvermelding toepast. Zeker als je bijna letterlijk uit een boek citeert dat iemand anders geschreven heeft. Toen ik onlangs van diverse mensen spontaan een berichtje kreeg in de trant van: die  journaliste zal zeker uw boek Valse Vrienden gelezen hebben, toen ze haar stuk aan het schrijven was, besloot ik mevrouw Vervaeke een tweetje te sturen om haar hiermee te confronteren. Kennelijk was ze ‘not amused’, want er ontspon zich de volgende tweet-wisseling:
leen vervaeke @leenvervaeke
Mijn laatste stuk als @volkskrant-correspondent in België: “Maak België wat Nederlandser, en Nederland wat Belgischer, en krijg het beste van twee werelden.” s.vk.nl/tfe13-a4576478/
de Volkskrant  @volkskrant
Zonde dat Nederland en België steeds minder interesse hebben in elkaar, schrijft @leenvervaeke. ‘Het perfecte land, dat zou weleens een mix van Nederland en België kunnen zijn’ s.vk.nl/tfe13-a4576478/
Evert van Wijk @evertvanwijk
Mooie samenvatting van mijn boek Valse Vrienden. Volgende keer wel graag bronvermelding. Is wel zo netjes. cultuurverschillenbelgienederland.nl/boek-valse-vri…
leen vervaeke @leenvervaeke
Wil hier eigenlijk niet op reageren, maar kom: reden dat ik uw boek niet heb vermeld, is simpelweg omdat het geen bron is. U bent niet de enige die iets over BE en NL weet.
Evert van Wijk @evertvanwijk
Hmm, die logica ontgaat mij, omdat u wel 2x naar boek @petervandermeersch verwijst, terwijl bijna uw hele artikel zonder bronvermelding uit mijn boek is overgeschreven. #hottentottenjournalistiek @Scriptum @volkskrant
leen vervaeke @leenvervaeke
Omdat ik het boek van Peter Vandermeersch gelezen heb en dat van u niet. Ik heb er dus ook niet uit overgeschreven. Ik hou er niet van valselijk beschuldigd te worden. Kom met bewijzen of hou ermee op.
het ging over bronvermelding en opeens heeft u mijn boek niet gelezen? Hoe geloofwaardig… Plagiaat is moeilijk te bewijzen maar ik ga de uitdaging aan. @volkskrant @ScriptumNL @pvdmeersch

Plagiaat is soms moeilijk aan te tonen

Zoals ik al eerder aangaf: plagiaat is soms moeilijk aan te tonen. Er zijn trouwens ook veel verschillende definities voor. De Tilburg University hanteert de volgende: tekstgedeelten, redeneringen of gedachten van anderen over te nemen zonder bronvermelding. Toen ik het stuk van Leen Vervaeke las, kwam die naar mijn gevoel wel erg dicht bij mijn boek Valse Vrienden.
Eigenlijk wilde ik er helemaal geen polemiek over beginnen. Maar toen mevrouw Vervaeke gaande de tweet-wisseling opeens beweerde het boek niet te kennen, voelde ik aan mijn water dat ook dat niet kon kloppen. Want mocht het inderdaad zo zijn, dan geef je dat toch onmiddellijk aan in je eerste reply. Los daarvan heeft het boek behoorlijk brede media-aandacht gehad in zowel landelijke als regionale media. Als Belgie-Nederland-correspondente heb je dan òf zitten slapen òf op de maan gezeten.
En waarom aan selectieve bronvermelding doen door enkel de publicatie van NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch wel aan te halen? De enige reden die ik kan bedenken is dat hij ook voor de persgroep werkt, waar ook de Volkskrant deel van uitmaakt.

Treffende gelijkenissen

Dat haar artikel meer dan treffende gelijkenissen heeft met wat ik in Valse Vrienden beschrijf, wordt al meteen duidelijk als je haar stuk naast de achterflaptekst en in de inleiding van mijn boek legt:
LV (Leen Vervaeke): Veel Nederlanders beschouwen België ( of Vlaanderen) nog altijd als het kleine, dommige broertje
VV (Valse Vrienden): Wij Nederlanders beschouwen Belgen, Vlamingen als hun kleine broertje. wel aardig, maar ook een beetje dommig… 
Tja, ik woon al meer dan 30 jaar in Vlaanderen, maar ik heb nog nooit een Vlaming het woord ‘dommig’ horen gebruiken… Maar dat even terzijde.
Hieronder volgen nog een paar voorbeelden, maar daar heeft ze in ieder geval nog de moeite gedaan om het her en der wat te herformulieren:
LV: Neem de positie van de vrouw op de arbeidsmarkt waar driekwart van de Nederlandse vrouwen halftijds werkt , zijn er dat in Belgie minder dan de helft, vooral dankzij goedkopere kinderopvang. 
VV: het viel me wel op dat er in die tijd meer vrouwen dan in Nederland in fulltime jobs werkzaam waren. Ook zag ik dat in de Belgische maatschappij zaken als kinderopvang veel beter geregeld zijn. In België zijn er niet alleen veel meer opvangplaatsen, maar is het, dankzij de tussenkomst van de overheid, tot op de dag van vandaag ook nog eens stukken goedkoper om je kinderen in een crèche onder te brengen. Wellicht dat het daardoor voor veel Vlaamse vrouwen gemakkelijker is om fulltime te gaan werken.
LV: Natuurlijk is er wel enige interactie. Nederlanders en Belgen werken militair nauw samen
VV: De samenwerking op defensievlak, zeker wat de luchtmacht en de marine betreft, bewijzen dat het kan.
LV: …sommige woorden zijn verwarrend: een een magnetron is een microgolf…
VV: Magnetrons. Die kennen ze ook niet in België. Wel hebben ze een microgolf of microgolfoven.
LV: Natuurlijk zijn er fundamentele verschillen tussen noord en zuid. Vier eeuwen afzonderlijke  religieuze en economische geschiedenis hebben hun sporen nagelaten. Belgen zijn eeuwenlang bestuurd door buitenlandse bezetters en hebben daar een diep wantrouwen aan overgehouden…
In mijn ogen zijn die verschillen terug te brengen tot één basisonderscheid: een verschil in vertrouwen…
VV: Wellicht hebben die verschillen te maken met de totaal verschillende loop van de geschiedenis van het Noorden en de Zuidelijke Nederlanden. Om het zomaar eens te zeggen. Een geschiedenis van maar liefst 400 jaar gestold wantrouwen. …Afgezien van de periode van 1815­–1830 kun je dus gerust stellen dat België en Nederland al 400 jaar gescheiden zijn. Nederland ontwikkelde zich tot wereldmacht. België kende vele bezetters. Daarnaast was er nog een godsdienstige breuklijn: het katholieke Zuiden en het calvinistische Noorden.
Belgen wantrouwen de medemens tot het tegendeel is bewezen. Nederlanders vertrouwen de medemens tot het tegendeel is bewezen! Naar mijn overtuiging is dit het meest essentiële verschil tussen beide volkeren.
Enfin, zo kan ik nog een tijdje doorgaan…
Intussen blijft de vraag onbeantwoord waarom mevrouw Vervaeke in haar artikel net doet alsof ze het allemaal zelf heeft uitgevonden? Is het een soort onnozele vorm van belangrijkdoenerij of is het een nieuwe vorm van journalistiek bedrijven door niet meer aan bronvermelding te doen? Ik wil het bewust geen fake-nieuws noemen. Maar als we de definitie van plagiaat van de Tilburgse universiteit erbij nemen, dan komt dit mijns inziens wel behoorlijk dichtbij.

De Dasja van Poetin

Dat zo’n werkwijze soms verregaande consequenties voor je carrière kan hebben, heeft de Nederlandse ex-minister Halbe Zijlstra onlangs nog kunnen ervaren. Hij had gedaan alsof hij in hoogst eigen persoon aanwezig was tijdens een bijeenkomst in de Dasja van Poetin. Toen bleek dat hij er helemaal niet bij was, moest hij omwille van dit domme leugentje aftreden. Daarom tot slot mijn ongevraagd advies aan mevrouw Vervaeke: zorg dat u ook vanuit uw nieuwe standplaats in China niet met deze werkwijze doorgaat. Anders zou u wel eens sneller dan u denkt terug kunnen zijn in uw geboortelandje.

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.

Nederlanders en Vlamingen die bij elkaar over de grens gaan werken, pas op!

Nederlanders en Vlamingen die bij elkaar over de grens gaan werken, pas op!

Nederlanders en Belgen/Vlamingen die in elkaars landen gaan werken, pas op! Niet zozeer vanwege de fiscale en juridische gevolgen maar vooral door de grote culturele verschillen op de werkvloer. De Belgische en Vlaamse interne bedrijfscultuur wordt veel meer gedomineerd door strikte machtsverhoudingen. Ofwel in België is de baas veel meer de baas dan in Nederland. Beslissingen worden vaak zonder veel omhaal opgelegd, terwijl die in Nederland veel meer in gezamenlijk overleg tot stand komen. Polderen noemen ze dat…
De Belgisch-Nederlandse grens is ook een grens als het gaat om de bedrijfscultuur
Onlangs las ik in de PZC dat er een informatiebijeenkomst in Zeeland was geweest om Nederlanders te interesseren om in Vlaanderen te gaan werken. Ongetwijfeld zullen de potentiële geïnteresseerden wel gewezen zijn op de financiële gevolgen die dat kan hebben voor hun ziekteverzekering, de pensioenopbouw en hun belastingplaatje. Maar wat deze geïnteresseerden vooral moeten beseffen is dat het er op de werkvloer in België heel anders aan toe gaat. Belgen en Nederlanders die in elkaars landen gaan werken ervaren die verschillen in bedrijfscultuur vaak als een grote shock. We verstaan elkaar wel, maar we begrijpen elkaar niet altijd leven goed, zoals ik onlangs ook op BNR Nieuwsradio mocht uitleggen naar aanleiding van mijn boek Valse Vrienden.

In België is de baas veel meer de baas dan in Nederland

In België is de baas veel meer de baas dan in Nederland. Zo herinner ik me het verhaal van een Nederlander die vroeger bij Fortis aan een Belgische baas rapporteerde. Hij zei dat je bij wijze van spreken je hand moest opsteken als hij naar het toilet wilde gaan… De Vlaamse managementstijl ervoer hij vooral als het in ontvangst nemen van beslissingen van hogerhand die je zonder teveel omhaal moest uitvoeren. Nadien werden die door de baas op juistheid gecontroleerd. Voorheen had hij in een puur Nederlands bedrijf gewerkt. Beslissingen kwamen daar veelal in overleg tot stand, bijvoorbeeld tijdens werkvergaderingen. Als over zaken, veelal na lange discussie, eenmaal consensus was dan was het de taak van de baas om vooral voorwaarden te scheppen waarbinnen de gezamenlijk genomen beslissingen uitgevoerd konden worden.

Voor een Nederlander is tijd veel meer tijd

Belgen zijn net als Nederlanders keiharde werkers. Sterker nog: ik denk dat Belgen zelfs nog harder werken. Toen ik vroeger bij Fokker werkte, was tijd, tijd. Op het fluitsignaal van vijf uur was het een wedstrijd wie als eerste door de poort kon gaan om vervolgens zo snel mogelijk naar huis te sjezen. Nederlanders vinden dat ze recht hebben op een goede life-work-balance. ’s-Avonds op tijd achter de patatten om vervolgens nog fijn naar de sportclub te gaan.
Je moet als baas met goede argumenten komen om de Nederlander te laten overwerken. Als in België de baas je vraagt om nog langer te blijven dan doe je dat ook. Sterker nog: als het werk niet af is dan werken veel Belgen gewoon door tot dat ze klaar zijn. Zelf heb ik dat ook mogen ervaren toen ik in een Benelux-organisatie werkzaam was met een afdeling in België en Nederland. Na vijven kon ik in Nederland een kanon afschieten met de wetenschap niemand te zullen raken. In België daarentegen was het vaak nog tot achtuur een drukte van jewelste.

Nederlandse bazen hoeven geen allesweters te zijn

Wel heb ik de indruk dat er in Nederland op de werkvloer meer wordt gelachen. Het is er gezelliger, er is minder hiërarchie en ook meer teamgeest. Nederlandse bazen moeten hun baas zijn trouwens verdienen. Dat doen ze niet door een allesweter te zijn, maar door voorwaarden te scheppen waarin zijn team het best kan floreren. Zo bouwt hij gezag op in zijn team. Nederlanders willen het op het werk vooral ook leuk hebben. Ze willen inspraak, kunnen meebeslissen, met sloten kopjes koffie als glijmiddel. Nadeel is dat het soms ellenlang kan duren alvorens er beslissingen genomen worden. Maar voordeel is dat ze dan door het hele team gedragen worden, omdat iedereen zich als mede-uitvinder van de beslissing beschouwt.

De hoogte van salarissen is in België staatsgeheim

Belgische bazen pakken dat vaak anders aan. Tijdens werkvergaderingen komen beslissingen niet zozeer met het team tot stand, maar worden ze medegedeeld. Zo moet het en niet anders. Ben je het in België niet met de baas eens dan zeg je hem dat in de regel nooit direct in the face. Want dat kan de relatie wel eens behoorlijk verstoren. Wel ontstaan er dan vaker onduidelijke machtspelletjes, vormen zich partijen en treden er verborgen agenda’s in werking. Het draait met andere woorden veel meer om het betere lobbywerk en uiteindelijk om macht. Misschien is het om die reden dat er op de Belgische werkvloer vaak minder fun is. Men is wat gereserveerder naar elkaar toe. Niet voor niks is een van de grootste geheimen op de Belgische werkvloer de hoogte van het salaris van je collega. In Nederland wordt daar in de regel heel wat minder geheimzinnig over gedaan.

Laat die baas maar praten, ik trek mijn eigen plan…

Niet alleen Belgische managers, maar ook hun ondergeschikten houden er in de regel niet zo van om te zeggen waar het op staat. Hij kiest er liever voor om zich tijdens vergaderingen zo gedeisd mogelijk te houden. Als hem iets gevraagd wordt dan zal hij de indruk wekken om mee te gaan met de voorgestelde aanpak. Wat hij werkelijk denkt, dat blijft geheim. Tegelijkertijd denkt hij: laat die baas maar praten, ik trek wel mijn eigen plan. Dit is tevens één van de grootste frustraties van Nederlandse managers die naar België komen. ‘Mijn deur staat voor iedereen altijd open’, is wat een Nederlander ogenblikkelijk zal roepen. Maar hij zal weldra vaststellen dat niemand daar daadwerkelijk gebruik van zal maken. Belgen zijn in de ogen van Nederlanders beleefder, omdat ze uiterst zelden zeggen wat ze denken. Maar verborgen agenda’s zijn in België overal en altijd aanwezig.

 

over de auteur
Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.
Redacties moeten meer rouleren om ons-kent-ons-sfeertje te doorbreken

Redacties moeten meer rouleren om ons-kent-ons-sfeertje te doorbreken

Zou het geen goede zaak zijn als Vlaamse en Nederlandse  redacties van krant, radio en tv er een gewoonte van maken om iedere vier jaar hun redacties te laten rouleren? Laat bijvoorbeeld de Bart Brinckmansen van de Wetstraat-redactie na vier jaar maar eens verkassen naar de economieredactie. Het zal niet alleen hun horizon verbreden, maar misschien ook hun berichtgeving wat meer pluriform maken. Ook is niet uitgesloten dat hierdoor het aantal extreem linkse en rechtse journalisten behoorlijk zal slinken wat de berichtgeving alleen maar ten goede zal komen.
 
Laten we eens naar enkele krantenkoppen kijken van vrijdag naar aanleiding van het nieuws welke politicus in België in 2016 de meeste betaalde mandaten heeft.
De Tijd: Eliane Daels (PS) is mandatenkampieon 2016
De Morgen: Eliane Daels en Koen Kennis zijn mandatenkampioenen 2016
De Standaard: Koen Kennis (N-VA) is de Vlaamse kampioen betaalde mandaten
Ook als je het artikel niet leest en alleen de nieuwsfeiten kent, dan voel je aan je water hoe gekunsteld die warrige kop in De Standaard er met de haren is bijgesleept. Het maakt één ding nog eens duidelijk. Zolang de N-VA in diskrediet kan worden gebracht is bij die krant alles toegelaten. Zelfs warrige krantenkoppen die de lading niet dekken. Moeilijk moet dat toch niet zijn. De Tijd en De Morgen slagen er immers wel in om boven een objectief nieuwsfeit een objectieve kop te zetten die wel de lading dekt. Waarin een kleine krant nog kleiner kan zijn…

Opinie en feiten moedwillig door elkaar halen

Naast cultuurverschillen België-Nederland houd ik als mediatrainer ook een blog bij over zaken als beeldvorming en dingen die mij opvallen in de media. Zoals deze onlangs in Doorbraak verschenen column naar aanleiding van het opiniestuk van Karel Verhoeven, de hoofdredacteur van De Standaard. Die vond het nodig om te reageren op de column van Bart De Wever die zich had beklaagd over het feit dat De Standaard in haar verslaggeving opinie en feiten moedwillig door elkaar haalt.

Een ons-kent-ons-sfeertje…

Dit fenomeen zien we niet alleen bij De Standaard en andere Vlaamse media. Ook in Nederland zien we steeds vaker dat de media zo hun voorkeuren hebben. Op zich niet zo wonderlijk. Het is algemeen bekend dat de meeste journalisten links zijn. Maar dat is nog niet alles. Doordat bij de vierde macht, teveel journalisten op te lang dezelfde plaats zitten en daardoor een uitgebreid netwerk (nvda: lees vriendenkringetje) hebben opgebouwd, ontstaat er op veel redacties inteelt. Een ons-kent-ons-sfeertje van ik krab jouw rug en jij de mijne. Zoiets gaat natuurlijk ten koste van de kwaliteit van de berichtgeving. Zo zal het bijvoorbeeld ook wel gegaan zijn met Tom Lanoye toen die enige tijd terug een grote en bovendien nogal politiek correcte voorpublicatie in de NRC kreeg om zijn business te promoten. Zou hem dat ook gelukt zijn als hij niet tot het old boys network van Peter Vandermeersch zou hebben gehoord?

De Haagse kaasstolp

Zeker in de politieke verslaggeving is dat ons-kent-ons-sfeertje soms erg klef. Zo gaat het verhaal dat op het huwelijksfeest van politiek vrt-verslaggever Ivan De Vader zowat de halve Wetstraat was uitgenodigd. In Nederland zie je dat niet snel gebeuren, maar ook daar bestaat een ons-kent-ons-sfeertje. Zelfs politiek-journalisten die al jaren met pensioen zijn worden regelmatig uitgenodigd om bij hun voormalige collega-vriendjes aan te schuiven om hun visie te geven. Niet voor niks spreekt men in Nederland al jaren over de zogenaamde Haagse kaasstolp waar iedereen elkaar de bal toespeelt.  Maar wat in Nederland ondenkbaar is, is dat een hele redactie van wat als een kwaliteitskrant moet doorgaan bewust stelling neemt tegen een politieke partij, zoals Bart Brinckman van De Standaard in een interview onlangs onverbloemd en ongetwijfeld ook met het minste schaamrood op zijn kaken verkondigde.

Boze bijschnabbelende journalisten

Journalisten die te lang op dezelfde plek zitten, weten al te goed hoeveel macht ze hebben en hoe ze die moeten (mis)bruiken. Zelf heb ik dat ook al mogen ervaren. Zo vertelde een bevriende vrt-journalist mij ooit in vertrouwen dat zijn bazen hadden besloten om geen media-aandacht aan een van mijn boeken over mediatraining te schenken, omdat ik me in het openbaar kritisch had uitgelaten over het feit dat vrt-journalisten die via mediatraining bijschnabbelen, hun onafhankelijkheid en geloofwaardigheid verliezen.
En een journaliste van De Standaard die een recensie-exemplaar had aangevraagd van een boek van mij over cultuurverschillen België-Nederland  zei me dat op de redactie besloten was om er geen aandacht aan te schenken. De reden was dat ik in het boek alleen maar open deuren nog verder open trapte. “Schrijf dat dan op in uw recensie”, antwoordde ik. Met haar mond vol tanden haakte ze de telefoon in. Waarmee ze meteen nog een cultuurverschil blootlegde: in Vlaanderen zwijgen we onwelgevallige zaken liever dood, terwijl men in Nederland daar eerder het debat over aangaat.

Geen schroom om eigen media voor hun karretje te spannen

Andersom zien we dat de meeste journalisten geen enkele schroom hebben om hun eigen media voor hun karretje te spannen als dat zo uit komt. Toen Bart Brinckman het boek schreef: De Zestien is voor U over de langste Belgische kabinetsformatie ooit, bleek dat het boek hoofdzakelijk opgewarmde kost bevatte. Geen nieuwe nieuwsfeiten dus. Maar voor zijn collega-vriendjes van het tv-journaal was het ’t belangrijkste nieuwsitem van de dag. Even later zat hij bij Terzake om zich uitgebreid over al die zaken die allang wijd en zijd bekend waren, te laten interviewen. En last but not least, de volgende dag hadden zijn journalistenvrienden een paginagroot verhaal in de kranten, inclusief zijn eigen Standaard.
Daarom wordt het tijd dat redacties van krant, radio en tv er een gewoonte van gaan maken om iedere vier jaar hun redacties te laten rouleren. Het zal niet alleen hun horizon verbreden, het zal misschien ook extra verdieping geven aan de media waarvoor ze werken. En, zoals ik al opperde; door die bredere kijk zal misschien ook het aantal extreem linkse en rechtse journalisten slinken wat de pluriformiteit in de berichtgeving ten goede zal komen.
Over de auteur
Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum in Schiedam. Het is verkrijgbaar bij de betere boekhandel of u kunt het hier rechtstreeks bestellen.https://www.cultuurverschillenbelgienederland.nl/boek-valse-vrienden-samenwerking-belgen-nederlanders-cultuurverschillen/ Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is. https://www.cultuurverschillenbelgienederland.nl/blog-cultuurverschillen-belgie-nederland/
Naoorlogse repressie in Nederland minder dodelijk dan in België

Naoorlogse repressie in Nederland minder dodelijk dan in België

Kent u het schrijnende verhaal van Karel De Rycke? Hij was oorlogsburgemeester in het Oost-Vlaamse Asper bij Gavere. Volgens de Belgische staat een zogenaamde inciviek, of liever nog, een zwarte, omdat hij tijdens WO II met de vijand geheuld zou hebben. Hij was een van de 100.000-den slachtoffers van de Vlaamse repressie die net na WO II een ongekende opflakkering kende. Want voor eens en altijd moest maar eens met dat opstandige Vlaamse rapaille worden afgerekend. Nadat eerst zijn huis was geplunderd en zijn bezittingen verbeurd waren verklaard werd hij bij verstek ter dood veroordeeld, maar hij dook onder en vluchtte naar het veilige Ierland. Had Karel De Rycke destijds in Nederland gewoond dan had hij ongetwijfeld gewoon burgemeester kunnen blijven. Sterker nog: misschien had hij nog een lintje van de koningin ontvangen, juist vanwege zijn  uiterst ‘civieke’ gedrag.

Repressie in naoorlogs Vlaanderen dodelijker dan in Nederland

Aanvankelijk een successtory

Een Vlaamse vriend stelde me onlangs een zojuist verschenen publicatie ter hand met daarin de levensloop van Karel De Rycke. Die was zijn opa. Aanvankelijk was het leven van Karel De Rycke een successtory. Een hardwerkende en innovatieve ondernemer en een van de succesrijkste kippenfokkers en eierproducenten van België. Karel De Rycke ging al in de jaren twintig van de vorige eeuw op studiereis naar Amerika om de beste op zijn gebied te zijn en te blijven.

Hij stelde in zijn kippenbedrijf vele mensen te werk. Daarnaast had hij ook een schrijnwerkersbedrijf waar hij ondermeer bedden vervaardigde. Ging het wat minder in de eieren of andersom dan hoefde hij geen mensen te ontslaan want die konden dan in het bedrijf tewerk worden gesteld waar hij op dat moment de meeste handjes nodig had. Hij was graag gezien, mede omdat hij een goed werkgever was. Hij kreeg dan ook brede steun toen hij tot burgemeester van Asper werd verkozen.

 

Karel De Rycke begaf zich op hellend vlak…

Toen brak de oorlog uit. De bezetter wilde dat hij ook aan de Wehrmacht zou leveren. Hij had geen keus. Want bij weigering zou hij in het beste geval de gevangenis indraaien en zijn werk weigerend personeel zou wellicht naar Duitsland zijn afgevoerd. Maar de Belgicistische rechters zagen dat anders. Door te leveren aan de Duitsers begaf de ondernemer en oorlogsburgemeester zich op een hellend vlak. En de levering van bedden was in hun ogen even erg als het leveren van wapens en munitie waardoor hij na de oorlog tot de dood werd veroordeeld.

 

Sokken leveren aan de moffen of opkrassen

Ook mijn grootvader was voor WO II ondernemer, maar dan in Nederland. Hij was sokkenfabrikant. Als gevolg van een noodlottig verkeersongeval overleed hij vroegtijdig. Mijn grootmoeder zette de fabriek voort. Ik herinner me de verhalen dat ook zij voor de keuze werd gesteld: of sokken leveren aan de moffen of opkrassen. Mede omdat ze zich verantwoordelijk voelde voor het personeel besloot ze sokken aan de bezetter te leveren. Net als Karel De Rycke voorkwam ze hiermee dat het personeel in Duitsland te werk werd gesteld. Mijn toen mijn nog piepjonge vader die omwille van de oorlog zijn textielopleiding had moeten afbreken, werkte inmiddels ook in het bedrijf. Toen de oorlog voorbij was, nam hij de sokkenfabriek over en ging hij de lokale politiek in. Jarenlang was hij naast fabrikant eerste schepen (wethouder) en plaatsvervangend burgemeester. Het feit dat mijn oma ook voor de Duitsers sokken had geproduceerd had geen negatieve invloed op het maatschappelijke aanzien van onze familie.

 

België: 242 Nederland: 39 executies 

Mijn Vlaamse vriend en nazaat van Karel De Rycke, liet mij onlangs weten dat als gevolg van de snoeiharde repressie vele Vlamingen in die eerste naoorlogse periode onschuldig geëxecuteerd werden. Er waren meer dan 400.000 dossiers tegen de zogenaamde “incivieken” opgemaakt. Veelal mensen die alleen maar het beste voor hadden met hun medemens en met Vlaanderen. Maar het hebben van een abonnement op de Vlaamse krant De Standaard was in die tijd vaak al genoeg om vervolgd te worden. Er werden 242 doodstraffen effectief uitgevoerd.

In Nederland waar men ook niet zachtzinnig was voor het heulen met de vijand, werden slechts 39 executies uitgevoerd.

 

Waarom kwamen de Vlamingen niet tegen die repressie in opstand?

Wat ik als Nederlander nooit goed gesnapt heb, is dat de Vlamingen dit allemaal zo over hun kant hebben kunnen laten gaan. Dat ze toelieten om maar bij het minste en geringste hun burgerrechten te laten afpakken wat in die tijd gelijk stond aan broodroof. Dat het tot midden van de jaren vijftig van de vorige eeuw duurde eer er bij monde van de VolksUnie eindelijk een partij opstond die opkwam voor de belangen van de Vlamingen die nog altijd niet moegetergd waren door de Belgicistische en Francofone machthebbers en de katholieke kerk niet te vergeten. Want meneer pastoor moest er mede voor zorgen dat alles bij het oude bleef. Dat met andere woorden zijn onderdanen dom en volgzaam bleven.

 

Waarom een Vlaamse grondwet geen gek idee is… 

Daarom is het goed dat publicaties over dit soort familietragedies als die van Karel De Rycke het licht zien. Hopelijk helpen die de Vlamingen om hun geschiedenis van meedogenloze onderdrukking onder ogen te zien. Niet alleen door de (Duitse) bezetter, maar ook door de Belgicistische en vaak Francofone machthebbers die daar net naar WO II nauwelijks voor onder deden. Het is belangrijk dat Vlamingen hier voortdurend aan herinnerd worden. Want als ze grondig doordrongen zijn van die geschiedenis, dan snappen ze misschien ook dat het hebben van een eigen Vlaamse grondwet waarvoor Geert Bourgeois onlangs nog pleitte, niet eens zo’n gek idee is…

noot van de redactie:

Pieter Jan Verstraete schreef de publicatie Karel de Rycke: burgemeester en pluimveehouder  in opdracht van de familie en kon beroep doen op een rijk gevarieerd archief. Het werkje bevat een reeks tot nu toe ongepubliceerde foto’s en uittreksels uit persoonlijke brieven en documenten. De prijs bedraagt 6€ + 2,50€ verzendingskosten, samen dus 8,50€. Bestellen kan door storting van het bedrag op rekeningnummer BE64 4627 2867 9152 van P.J. Verstraete, 8500 Kortrijk met vermelding “Karel de Rycke”.

 

Over de auteur

Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.

Het Groot Dictee heeft nauwelijks iets met taal te maken

Het Groot Dictee heeft nauwelijks iets met taal te maken

Waarom Het Groot dictee eigenlijk niks met taal te maken heeft

Zo, het doek is nu eindelijk definitief gevallen voor Het Groot Dictee. Een goede zaak, want het had nauwelijks iets met taal te maken. Tijdens de Nederlandse talkshow Pauw zagen we Philip Freriks voor de laatste keer in zijn rol als voorlezer van Het Groot Dictee. Hij had een minder rood hoofd dan de vorige keer toen hij bij Pauw te gast was. Of het door de rode wijn kwam en dat hij zich dit keer beter had kunnen beheersen, kan daar debet aan zijn geweest. Maar duidelijk was wel dat hij nog altijd het plotselinge stopzetten van Het Groot Dictee niet helemaal verwerkt had. Eerder had Philip Freriks al verklaard dat hij het gevoel had dat hij na 26 jaar plotseling bij het grofvuil was gezet. Het is een fenomeen dat je wel meer ziet bij tv-presentatoren die denken dat het programma er voor hen is in plaats van voor de kijkers…
Eerste_Kamer_Groot_Dictee_Cultuurverschillen_Belgie_Nederland

Het Groot Dictee is etaleren van nutteloze kennis

Het belangrijkste neveneffect van het stopzetten van Het Groot Dictee is dat we na ruim een kwarteeuw eindelijk verlost zijn van een wedstrijd in het etaleren van nutteloze kennis tussen Vlamingen en Nederlanders. Want om als een papegaai moeilijk geschreven woorden te reproduceren heeft mijns inziens niet veel met taal te maken. Het is als geschiedenisonderwijs: je kunt alle belangrijke jaartallen wel uit je kop knallen, maar als je de verbanden niet ziet, dan schiet je daar ook niet veel mee op. In die zin is het radioprogramma De Taalstaat op zaterdag (NPO-radio 1) een regelrechte aanbeveling. Op een luchtige en speelse manier krijgt de luisteraar tal van praktische taaltips en taalweetjes aangereikt. Kortom: voor iedereen die van taal houdt een aanrader!

Het Groot Dictee was oubollige vertoning

Ik heb nooit goed begrepen waarom Het Groot Dictee jarenlang een soort instituut is geweest en dat de makers nu pas het licht zien om dit programma naar de eeuwige jachtvelden af te voeren. Het was ieder jaar weer opnieuw een oubollige slaapverwekkende vertoning. Pas toen de kijkcijfers in korte tijd meer dan halveerde, werd de Nederlandse omroep wakker. Afvoeren die hap dus.
Hoe het met de kijkcijfers in Vlaanderen was gesteld, heb ik niet kunnen achterhalen. Wel heb ik de indruk dat Het Groot Dictee daar veel sterker leefde dan in Nederland. Als er, zoals te doen gebruikelijk, weer een Vlaming had gewonnen, dan stonden de volgende dag de kranten bol over hoe wij Vlamingen die Ollanders toch weer eens mooi ons poepertje hadden laten ruiken… Dat is dan misschien het enige positieve. Want op die manier heeft Het Groot Dictee dan toch nog wat bijgedragen aan het zelfvertrouwen van de Vlaming… Martine Tanghe werd al eerder afgevoerd bij Het Groot Dictee, maar nu was het de beurt aan Philip Freriks

Groot Dictee schiep juist afstand tot taal

Ik heb Het Groot Dictee altijd iets verschrikkelijks gevonden, omdat ik vind dat het nauwelijks ooit iets met taal te maken heeft gehad. Inhoudelijk is Het Groot Dictee een aaneenrijging van archaïsche woorden en gekunstelde zinsconstructies die bijna geen mens begrijpt. Dat kan toch niet de bedoeling zijn van taal? Of zoals Elly Lust – de Amsterdamse politiewoordvoerder, die bij Pauw eveneens te gast was – het als volgt verwoordde: “taal moet bereikbaar zijn voor iedereen en zo’n dictee schept juist afstand”.

Taal hoort als muziek te zijn

Taal is toch niet iets dat je als een soort gedomesticeerde Bokito vanuit de Dikke van Dale of het Groene Boekje uit je hoofd knalt? Nee, taal hoort als muziek te zijn.
Maar muziek maken leer je niet enkel door noten te leren lezen. Dat doe je vooral door met die taal te spelen, te experimenteren. Dan pas komt een taal echt tot leven. Helaas begrijpen veel mensen dat niet. Want toen de nieuwe secretaris van de Nederlandse Taalunie Hans Bennis tijdens interviews zei dat taal meer is dan een discussie over een streepje of een trema op een letter zetten, kreeg hij meteen bakken kritiek over zich heen. Voor alle duidelijkheid: net als Bennis pleit ik er niet voor om alle spellingsregels overboord te kieperen, maar wel voor gezond boerenverstand. Hiermee bedoel ik dat je open moet staan voor de manier waarop de taal onder de bevolking evolueert. Want als je dat niet doet dan hadden we vandaag in de lage landen misschien allemaal nog een soort Diets of MiddelNederlands gesproken…
Over de auteur
Evert van Wijk is Nederbelg en woonde de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is auteur van verschillende boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. Zijn laatste boek, Valse Vrienden, verscheen eind 2016. Het is uitgegeven bij Scriptum.nl en verkrijgbaar bij de betere boekhandel.Voor meer informatie: www.cultuurverschillenbelgienederland.nl Hij houdt ook een blog bij over dit onderwerp dat aan deze website verbonden is.
België heeft biercultuur en Nederland een spruitjescultuur

België heeft biercultuur en Nederland een spruitjescultuur

Eindelijk erkent UNESCO Belgische biercultuur

Frankrijk heeft een wijncultuur. België heeft, zoals sinds kort officieel door de UNESCO bevestigd is, een biercultuur. En Nederland, tja wat heeft Nederland? Nederland heeft een spruitjescultuur! Dat stelde ik vast toen ik onlangs rond etenstijd een Nederlands appartement betrad en de geur van spruitjes me van alle kanten tegemoet kwam… Maar wat veel Belgen niet weten of niet willen weten, is dat Nederland meer brouwerijen heeft dan België. Desalniettemin zou ik de Nederlanders niet willen adviseren om met hun biercultuur bij de UNESCO uit te gaan pakken.  Want die zou wel eens heel schril kunnen afsteken ten opzichte van de Belgische biercultuur…

Belgie heeft dankzij erkenning UNESCO een officiële biercultuur

De Belgen hadden onlangs wel een heel goede reden om het glas te heffen. De UNESCO was namelijk akkoord gegaan dat voortaan de biercultuur in België een plaats verdient op de Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid. Maar wat houdt die biercultuur nu eigenlijk in? En vooral: waarom staat België helemaal terecht op die lijst, ondanks dat Nederland meer brouwerijen telt? Want wat vele Belgen niet weten is dat, aldus het NOS-nieuws, Nederland met 312 brouwerijen, België (263 stuks) toch mooi heeft ingehaald. Maar kwantiteit is niet hetzelfde als kwaliteit…

Zijn Nederlanders bierbarbaren?

Speciale biertjes zijn in Nederland populairder dan ooit. Zit je in Nederland op een terras en je bestelt een gewoon tappilsje dan hoor je er niet meer bij. Nog niet zo lang geleden was dat anders. Als het om bierkeuzes ging, kon je een normale pils of een kleintje pils bestellen. Die werden dan geserveerd in een soort Coca-Cola-glas. Vaak waren die glazen niet eens goed uitgespoeld en sloeg het pilsje al dood voordat je je tanden in het schuim had kunnen zetten.

Kwam je bij Nederlanders thuis op bezoek en kwam het pils op tafel dan toonden zij zich ook daar regelrechte  bierbarbaren. Dikwijls kwam het pils rechtstreeks uit een proviandkast of een ruimte die voor een kelder moest doorgaan; lauwwarm en de detergent-resten in het glas zorgde ervoor dat het onmiddellijk doodsloeg. In plaats van genieten werd bier drinken zo een regelrechte straf. Je zou voor minder meteen lid worden van de Anonieme Alcoholisten.

Trappist van Westvleteren

Trappist van WestvleterenBij mijn West-Vlaamse schoonfamilie ging dat er wel anders aan toe. Kwamen we op bezoek dan stond de trappist van Westvleteren je in bijbehorend glas al snel toe te lachen. Daar zorgde mijn schoonvader wel voor. Met een ijzeren mandje waar precies 4 flesjes in paste, daalde hij meermaals af naar een echte kelder die zijn assortiment bieren zomer en winter op de juiste temperatuur hielden. Dit was letterlijk en figuurlijk met volle teugen genieten!

Maar gelukkig is de laatste jaren in Nederland op het gebied van eten en drinken veel ten goede veranderd. De Cola-glaasjes met pils zie je nergens meer, een enkele sportkantine daargelaten. Nationale en regionale brouwerijen brachten naast pils ook speciale bieren op de markt en vandaag de dag heeft iedere stad of dorp wel zijn eigen artisanale streekbier met bijbehorend glas.

In Nederland is het culinair barbarisme voltooid verleden tijd

Naast de bier(r)evolutie was er in Nederland ook op het vlak van eten een kwaliteitsslag gaande. De sterrenrestaurants schoten de laatste jaren als paddestoelen uit de grond. Volgens Wikipedia telt Nederland momenteel 107 sterrenrestaurants. Maar in tegenstelling tot het aantal brouwerijen blijft België voorlopig toch nog koploper met maar liefst 157 restaurants die zich met 1, 2 of 3 Michelinsterren mogen tooien.

Ondanks die inhaalslag zal Nederland naar mijn gevoel niet snel in aanmerking komen voor een plek op UNESCO-lijst voor haar eet- en drinkcultuur. Waarom? Omdat het bij eten en drinken niet alleen gaat om de kwaliteit van het intrinsieke product. Ook de (kleine) dingetjes eromheen moeten in orde zijn. Denk aan de timing wanneer het volgende gerecht moet doorkomen, de manier waarop de drank wordt geserveerd en ga zomaar verder.

Zo herinner ik me dat ik jaren geleden was uitgenodigd om in een van de meest luxe restaurants in Kaapstad te gaan eten. Achter iedere stoel stond een bediende. Maar de gangen kwamen veel te snel door en de timing van de wijnen liep achter de feiten aan. Ofschoon er over de kwaliteit van het eten niets te klagen viel, proefde je aan alles dat dit restaurant niet beschikte over een echte culinaire cultuur. Eerder was hier sprake van culinair barbarisme…

Belgische biercultuur is onderdeel van hun culinaire cultuur

Wie in België een speciale bier bestelt weet dat wat hij krijgt af is. Eigenlijk is de Belgische biercultuur een belangrijk onderdeel van de Belgische culinaire cultuur. In de praktijk betekent dit dat je in België in bijna ieder dorpje wel een brasserie of restaurant vindt waar je heerlijk kunt eten en drinken. Waar de kok niet voor gemakkelijkheidoplossingen gaat door te kiezen voor sauzen uit een pakje. Waar je, net als in Frankrijk, een prima pot krijgt voorgeschoteld. Nederland maakt op dit terrein stappen vooruit, maar het zal nog wel even duren tot ook de Nederlanders dit in hun genen hebben…

Evert van Wijk is Nederbelg en blogt op zijn website www.cultuurverschillenbelgienederland.nl bijna wekelijks over de cultuurverschillen tussen Belgen/Vlamingen en Nederlanders. Hij is tevens auteur van Valse Vrienden, uitgegeven bij scriptum, 2016, 2e druk, dat eveneens over dit onderwerp gaat.